Skip to content

RIVM brengt schadelijke stoffen in zuivel- en vleesvervangers in kaart

Het RIVM analyseerde de meest geconsumeerde vleesvervangers en zuivelvervangers op de Nederlandse markt.

Het RIVM heeft een studie gedaan naar mogelijk schadelijke stoffen in vlees- en zuivelvervangers. Foto: Gegeneerd met Chat.GPT AI

Het RIVM heeft een studie gedaan naar mogelijk schadelijke stoffen in vlees- en zuivelvervangers. Foto: Gegeneerd met Chat.GPT AI

Het RIVM heeft 33 stoffen geïdentificeerd die mogelijk voorkomen in plantaardige zuivel- en vleesvervangers. Voor twaalf daarvan is nader onderzoek nodig om te bepalen of consumenten te veel binnenkrijgen bij vervanging van dierlijke producten. De blootstelling aan cadmium en lood blijkt slechts beperkt toe te nemen bij volledige substitutie.

Het onderzoek, uitgevoerd in opdracht van de NVWA, inventariseert welke contaminanten consumenten mogelijk méér binnenkrijgen wanneer zij melk, kaas en vlees vervangen door kant-en-klare plantaardige alternatieven. Het RIVM analyseerde de meest geconsumeerde vleesvervangers en zuivelvervangers op de Nederlandse markt.

De onderzochte zuivelvervangers bevatten als hoofdingrediënten amandel, kokos(olie), haver, erwt, rijst, soja, cashewnoot en zetmeel. Bij vleesvervangers gaat het vooral om erwten-, soja- en tarwe-eiwitten, gecombineerd met plantaardige oliën.

Zware metalen en mycotoxinen

Onder de 33 geïdentificeerde stofgroepen bevinden zich zware metalen zoals cadmium, lood en nikkel, maar ook mycotoxinen (schimmelgifstoffen), plantentoxinen en procescontaminanten zoals acrylamide. Een groot deel van deze stoffen komt ook voor in reguliere zuivel- en vleesproducten. Voor twaalf stofgroepen concludeert het RIVM dat verdere risicobeoordeling noodzakelijk is. Voor zes daarvan – waaronder alternariol, aflatoxinen en T-2/HT-2 toxinen – ontbreken vooralsnog betrouwbare meetgegevens, omdat de gebruikte analysemethoden niet gevoelig genoeg waren.

Beperkte impact cadmium en lood

Voor cadmium en lood kon het RIVM wel een volledige blootstellingsberekening maken. Bij een scenario waarin alle zuivel én vlees wordt vervangen door plantaardige alternatieven, neemt de cadmiumblootstelling met 15-25% toe, afhankelijk van de leeftijdsgroep. Voor lood is de toename beperkter: 10-20% bij kinderen van 1-3 jaar, en nauwelijks meetbaar bij volwassenen. Het RIVM benadrukt dat deze scenario’s worst-case berekeningen zijn: in de praktijk zullen consumenten niet al hun zuivel en vlees volledig vervangen. “Het effect van deze producten op de totale hoeveelheid cadmium en lood die mensen via voeding binnenkrijgen, is klein”, aldus het rapport.

Isoflavonen

Voor stoffen als isoflavonen (in soja), lectines en protease-remmers ontbreken toxicologische referentiewaarden of analysemethoden. Het RIVM kan daarom niet beoordelen of deze stoffen bij verhoogde consumptie van plantaardige vervangers een gezondheidsrisico vormen. Die isoflavonen kwamen een jaar geleden nog in opspraak toen het Franse eqivalent van het RIVM adviseerde om het gebruik van soja te minderen. Het risico bestaat dat kinderen en volwassenen er te veel van eten en dat brengt gezondheidsrisico’s met zich mee, aldus het Franse agentschap Anses.

Snel delen