Skip to content

Venik-voorzitter ziet groeikansen: ‘Insectenteiwit over 10 jaar vast ingrediënt’

Insectenbrancheorganisatie Venik neemt kenniscentrum NIK over. Volgens Venik-voorzitter Janmar Katoele wordt de insectensector zo steeds zichtbaarder.

Janmar Katoele voorzitter brancheorganisatie insectensector Venik premium

Janmar Katoele is voorzitter van Venik, de brancheorganisatie van de insectensector. Per 1 januari is Venik ook verantwoordelijk voor het Network for Insect Knowledge (NIK). Foto: Andrea van Schaik Fotografie

Venik, de brancheorganisatie in de insectensector, neemt per 1 januari het kenniscentrum Network for Insect Knowledge over. Volgens Venik-voorzitter Janmar Katoele wordt de sector hiermee steeds zichtbaarder. “Ik geloof erin dat insecteneiwit over tien jaar een vast ingrediënt vormt van food, feed en petfood.”

Dat de insectensector zich de komende jaren verder gaat ontwikkelen, is voor Janmar Katoele zeker. Als het gaat over duurzame productie van eiwitten is er voor de kweek van bijvoorbeeld zwarte soldatenvliegen, meelwormen, sprinkhanen en krekels grote belangstelling. De sector zit ook aan tafel bij de overheid bij debatten over verduurzaming van de veehouderij.

Maar het gaat allemaal niet vanzelf, waarschuwt hij. Want de kostprijs van insecteneiwit is relatief hoog en de regelgeving, bijvoorbeeld toelating van laagwaardige reststromen als insectenvoer, staat snelle ontwikkeling van de sector af en toe in de weg. “We krijgen vaste grond onder de voeten, ik ben een optimistisch mens. Ik geloof erin dat insecteneiwit over tien jaar een vast ingrediënt vormt van food, feed en petfood.”

Zichtbaarheid insectensector vergroten

Janmar Katoele is voorzitter van Venik, de brancheorganisatie van de insectensector. Kwekers, verwerkers en toeleveranciers zijn aangesloten. Per 1 januari is Venik ook verantwoordelijk voor het Network for Insect Knowledge (NIK) dat zich afgelopen jaren onder de vleugels van Regio Foodvalley heeft ontwikkeld tot een belangrijk kenniscentrum. “Met de overdracht van NIK kan Venik de zichtbaarheid van de insectensector vergroten, nieuwe samenwerkingen aangaan en innovaties stimuleren. Dit is voor ons een flinke stap vooruit.”

Dat het niet altijd hosanna is in de insectensector, weet Katoele als geen ander. Naast zijn adviesbureau op het gebied van subsidie, innovatie en verduurzaming is hij sinds 2015 in de insectenbranche actief. Zijn productiebedrijf van meelwormen is failliet gegaan. “In feite zijn wij de eerste jaren te hard gegroeid. Dat ging mis. Op een van de locaties zijn we doorgegaan met onderzoek naar nieuwe houderijsystemen en verwerking van reststoffen die vrijkomen bij de insectenproductie. Onze kennis draagt bij aan verdere innovatie van de sector.”

Ontwikkeling van beleid duurt lang en dat is lastig voor de insectenkwekers

Enthousiast vertelt hij over ontwikkelingen in zijn branche. “Ik durf wel te zeggen dat dit de meest dynamische agrarische sector is. Het beweegt aan alle kanten. Dat is voor mij als bestuurder natuurlijk interessant en uitdagend. Neem bijvoorbeeld frass, de meststof die vrijkomt bij de productie van insecten. Ter verbetering van de bodemkwaliteit is er geen betere organische mestsoort te bedenken dan frass. Feit is ook dat er een overmaat is aan organische mest. Dat leidt tot regelgeving en protocollen. Daar hebben wij dus ook mee te maken. Ontwikkeling van beleid over toepassing van frass en gebruik van insecten voor food en feed duurt lang en dat is lastig voor de kwekers. Wat mag wel, wat niet? Dat geeft ruis en onduidelijkheid. Maar uiteindelijk komt het goed, daar ben ik zeker van.”

Die zekerheid ontleent Katoele onder meer aan het feit dat de insectensector wordt omarmd door maatschappelijke organisaties en de overheid. “In de insectencoalitie, in 2020 opgericht, zitten wij met alle stakeholders aan tafel. Overheid, Dierenbescherming, supermarkten, onderzoeksinstituten, allemaal doen ze mee. De insteek is positief, alle partijen zien perspectief voor de insectensector.”

Insectensector ontwikkelt snel

Dat de ontwikkeling van de sector sneller gaat dan de wetgever kan bijhouden, is voor hem soms lastig. “Maar ik snap het ook. Ondernemers zijn in dit land pas een jaar of vijftien professioneel aan de slag met de kweek van insecten voor food en feed. Bij consumptie van insecten door mens en dier wil de overheid absolute zekerheid. Dat begrijp ik, dat willen wij ook. De dialoog kost tijd, je hoort mij daarover niet klagen. Als we maar voortgang boeken, en dat gebeurt.”

Het vorige kabinet heeft de insectensector een formele rol gegeven in het debat over verduurzaming van de veehouderij. “Wij zijn nu de zesde veehouderijsector. En dat met zo’n veertig insectenkwekers. We hebben ons dus goed in de kijker gespeeld.”

Lees ook: Insectenkwekerij maakt na 15 jaar ontwikkeling grote stappen

Venik, de brancheorganisatie in de insectensector, neemt per 1 januari het kenniscentrum Network for Insect Knowledge over. Volgens Venik-voorzitter Janmar Katoele wordt de sector hiermee steeds zichtbaarder. “Ik geloof erin dat insecteneiwit over tien jaar een vast ingrediënt vormt van food, feed en petfood.”

Dat de insectensector zich de komende jaren verder gaat ontwikkelen, is voor Janmar Katoele zeker. Als het gaat over duurzame productie van eiwitten is er voor de kweek van bijvoorbeeld zwarte soldatenvliegen, meelwormen, sprinkhanen en krekels grote belangstelling. De sector zit ook aan tafel bij de overheid bij debatten over verduurzaming van de veehouderij.

Maar het gaat allemaal niet vanzelf, waarschuwt hij. Want de kostprijs van insecteneiwit is relatief hoog en de regelgeving, bijvoorbeeld toelating van laagwaardige reststromen als insectenvoer, staat snelle ontwikkeling van de sector af en toe in de weg. “We krijgen vaste grond onder de voeten, ik ben een optimistisch mens. Ik geloof erin dat insecteneiwit over tien jaar een vast ingrediënt vormt van food, feed en petfood.”

Zichtbaarheid insectensector vergroten

Janmar Katoele is voorzitter van Venik, de brancheorganisatie van de insectensector. Kwekers, verwerkers en toeleveranciers zijn aangesloten. Per 1 januari is Venik ook verantwoordelijk voor het Network for Insect Knowledge (NIK) dat zich afgelopen jaren onder de vleugels van Regio Foodvalley heeft ontwikkeld tot een belangrijk kenniscentrum. “Met de overdracht van NIK kan Venik de zichtbaarheid van de insectensector vergroten, nieuwe samenwerkingen aangaan en innovaties stimuleren. Dit is voor ons een flinke stap vooruit.”

Dat het niet altijd hosanna is in de insectensector, weet Katoele als geen ander. Naast zijn adviesbureau op het gebied van subsidie, innovatie en verduurzaming is hij sinds 2015 in de insectenbranche actief. Zijn productiebedrijf van meelwormen is failliet gegaan. “In feite zijn wij de eerste jaren te hard gegroeid. Dat ging mis. Op een van de locaties zijn we doorgegaan met onderzoek naar nieuwe houderijsystemen en verwerking van reststoffen die vrijkomen bij de insectenproductie. Onze kennis draagt bij aan verdere innovatie van de sector.”

Ontwikkeling van beleid duurt lang en dat is lastig voor de insectenkwekers

Enthousiast vertelt hij over ontwikkelingen in zijn branche. “Ik durf wel te zeggen dat dit de meest dynamische agrarische sector is. Het beweegt aan alle kanten. Dat is voor mij als bestuurder natuurlijk interessant en uitdagend. Neem bijvoorbeeld frass, de meststof die vrijkomt bij de productie van insecten. Ter verbetering van de bodemkwaliteit is er geen betere organische mestsoort te bedenken dan frass. Feit is ook dat er een overmaat is aan organische mest. Dat leidt tot regelgeving en protocollen. Daar hebben wij dus ook mee te maken. Ontwikkeling van beleid over toepassing van frass en gebruik van insecten voor food en feed duurt lang en dat is lastig voor de kwekers. Wat mag wel, wat niet? Dat geeft ruis en onduidelijkheid. Maar uiteindelijk komt het goed, daar ben ik zeker van.”

Die zekerheid ontleent Katoele onder meer aan het feit dat de insectensector wordt omarmd door maatschappelijke organisaties en de overheid. “In de insectencoalitie, in 2020 opgericht, zitten wij met alle stakeholders aan tafel. Overheid, Dierenbescherming, supermarkten, onderzoeksinstituten, allemaal doen ze mee. De insteek is positief, alle partijen zien perspectief voor de insectensector.”

Insectensector ontwikkelt snel

Dat de ontwikkeling van de sector sneller gaat dan de wetgever kan bijhouden, is voor hem soms lastig. “Maar ik snap het ook. Ondernemers zijn in dit land pas een jaar of vijftien professioneel aan de slag met de kweek van insecten voor food en feed. Bij consumptie van insecten door mens en dier wil de overheid absolute zekerheid. Dat begrijp ik, dat willen wij ook. De dialoog kost tijd, je hoort mij daarover niet klagen. Als we maar voortgang boeken, en dat gebeurt.”

Het vorige kabinet heeft de insectensector een formele rol gegeven in het debat over verduurzaming van de veehouderij. “Wij zijn nu de zesde veehouderijsector. En dat met zo’n veertig insectenkwekers. We hebben ons dus goed in de kijker gespeeld.”

Lees ook: Insectenkwekerij maakt na 15 jaar ontwikkeling grote stappen

Mis geen enkel topverhaal op Eiwit Trends

Dit premium artikel is enkel beschikbaar voor abonnees

Beperk risico's met betere investeringen

Versterk je ketenpositie met de juiste partners

Versnel innovaties met de nieuwste trends

Beleef journalistiek van top niveau door collega’s, ervaren redacteurs én experts uit de sector.

Afbeelding

Wendy Noordzij

Alieke Hilhorst

Alieke Hilhorst

Chris Polkamp

Chris Polkamp

Abonneer vanaf €19,20/maand

Snel delen

Afbeelding
Aart van Cooten

Freelance redacteur