Foto's: Schouten Europe
De eiwittransitie wordt vaak gekoppeld aan grote thema’s als duurzaamheid, gezondheid en grondstoffen. Belangrijke onderwerpen, maar aan tafel beslist de consument meestal op basis van iets veel directers: smaakt het goed en is het de prijs waard?
Volgens Mark van Noorloos, Head of Marketing bij Schouten Europe, ligt daar een belangrijke sleutel voor verdere groei. “Een goed verhaal helpt om mensen nieuwsgierig te maken. Maar daarna moet het product zelf overtuigen. Als smaak en prijs niet kloppen, blijft het bij één keer proberen.”
Voor retail, foodservice en QSR is dat een belangrijk uitgangspunt. Plantaardige producten krijgen pas echt tractie als ze niet alleen passen bij maatschappelijke ambities, maar ook bij dagelijks koopgedrag, bestaande menu’s en operationele processen.

De proef voorbij
Veel consumenten hebben inmiddels weleens een plantaardig alternatief geprobeerd. De uitdaging ligt daarom niet alleen meer in bekendheid, maar vooral in herhaalaankoop. Daarvoor moet de eetervaring overtuigen.
Smaak gaat verder dan kruiding alleen. Bite, sappigheid, geur, mondgevoel en bereiding tellen net zo hard mee. Een burger moet goed werken op een broodje. Een krokante snack moet zijn structuur behouden. Een maaltijdcomponent moet passen bij saus, garnituur en bereidingswijze. “Consumenten beoordelen plantaardig niet in een aparte categorie”, zegt Van Noorloos. “Ze vergelijken het met alles wat ze gewend zijn te eten. Dan is ‘goed voor plantaardig’ niet genoeg. Het moet gewoon goed zijn.”
Als smaak en prijs niet kloppen, blijft het bij één keer proberen
Betaalbaarheid bepaalt de frequentie
Naast smaak speelt prijs een doorslaggevende rol. Een product kan innovatief en duurzaam zijn, maar als de prijs niet aansluit bij de verwachting van de consument of de marge van de klant, wordt opschaling lastig. Betaalbaarheid gaat in B2B niet alleen over de verkoopprijs. De totale rekensom telt. Denk aan portiegrootte, bereidingstijd, houdbaarheid, derving, handling en inzetbaarheid in meerdere toepassingen. Een product dat efficiënt werkt in de praktijk, kan uiteindelijk aantrekkelijker zijn dan een alternatief dat alleen op inkoopprijs goed scoort.
“Prijs hoort vanaf het begin bij productontwikkeling”, zegt Van Noorloos. “Niet als sluitpost, maar als voorwaarde voor succes. Zeker in retail, foodservice en QSR moet een product commercieel haalbaar zijn.”

Herkenbaar maakt plantaardig toegankelijk
Nieuwe producten vragen vaak om nieuw gedrag. Herkenbare vormen en eetmomenten maken die stap kleiner. Burgers, nuggets, balletjes, schnitzels, stukjes en rul gehakt zijn voorbeelden die consumenten direct begrijpen. Ze weten hoe ze het product kunnen eten, bereiden of combineren. Dat helpt ook de professional. In retail sluit een herkenbaar product makkelijker aan op het schap en de maaltijdplanning van de consument. In foodservice biedt het houvast bij menuontwikkeling. In QSR maakt herkenbaarheid het eenvoudiger om plantaardige opties binnen bestaande formules aan te bieden.
“Herkenbaarheid remt innovatie niet”, stelt Van Noorloos. “Het maakt innovatie juist makkelijker te accepteren. Je kunt vernieuwen in receptuur, grondstoffen en kwaliteit, terwijl het eetmoment vertrouwd blijft.”
Toepasbaarheid maakt het schaalbaar
Een product dat thuis goed werkt, is niet automatisch geschikt voor een professionele keuken of QSR-operatie. Daarom moet al vroeg duidelijk zijn waar het uiteindelijk wordt gebruikt. Voor retail zijn presentatie, houdbaarheid en eenvoudige bereiding belangrijk. Voor foodservice draait het om constante kwaliteit, portionering, snelheid en marge. Voor QSR komen daar factoren bij als bereidingstijd, apparatuur, handling en prestatie na assemblage.
“Onze klanten zoeken producten die lekker zijn, maar ook praktisch werken”, zegt Van Noorloos. “Als een plantaardige optie te veel aanpassingen vraagt in de operatie, wordt groei moeilijker.” Daarom vraagt succesvolle productontwikkeling om meer dan een goed recept. Het gaat om de combinatie van smaak, kostprijs, toepassing en schaalbaarheid.
Van alternatief naar vaste keuze
De volgende stap in de eiwittransitie zit niet alleen in meer aanbod, maar in producten die vanzelfsprekend worden gekozen. Producten die passen bij wat mensen lekker vinden, wat ze willen betalen en hoe ze dagelijks eten. Volgens Van Noorloos ligt daar de kracht van samenwerking in de keten. “Je ontwikkelt niet voor een ideaalplaatje, maar voor de praktijk. Voor het schap, de keuken, het menu en uiteindelijk het bord van de consument.”
Bij Schouten Europe begint productontwikkeling daarom met de vraag waar een product straks moet functioneren. In een supermarktmaaltijd, een professionele keuken of een snelle QSR-formule. Pas als die context duidelijk is, kun je gericht werken aan smaak, prijs en gebruiksgemak. “De eiwittransitie versnelt niet door producten die alleen worden geprobeerd”, besluit Van Noorloos. “Ze versnelt door producten die mensen opnieuw kiezen.”