Volgens Sina zijn er twee lijnen in de eiwittransitie: een opgaande en een dalende. Foto: Gegenereerd met Reve.art AI
In dit artikel
Voor het tweede jaar op rij stond ik voor de fellows van het Food Transition Fellowship van The School for Moral Ambition. Vorig jaar schreef ik hier over de stille krachten die ik in die zaal aantrof. Dit jaar, op 9 september, liet een van mijn slides twee lijnen zien. De ene daalt, de andere stijgt.
De dalende lijn: investeringen in alternatieve eiwitten. In 2021 ging er wereldwijd zo’n 6,9 miljard dollar naartoe, in 2025 nog 881 miljoen. De stijgende lijn: de retailomzet van plantaardige producten, vorig jaar 28,9 miljard dollar, 3 procent meer dan het jaar ervoor. In Frankrijk, Spanje, Duitsland en Italië is plantaardige melk inmiddels goed voor 7 tot 10 procent van de melkverkoop.
Wie alleen de eerste lijn ziet, denkt dat de sector is ingestort. Dat is niet zo. Wat wél is veranderd, is het verhaal waarmee kapitaal wordt vrijgemaakt.
Focus op zelfvoorzienendheid
Dat verhaal is in Brussel herschreven. Sinds het rapport van Mario Draghi in 2024 gaat het in Europa minder over de Green Deal en meer over concurrentiekracht en strategische autonomie. Het Protein Action Plan dat de Europese Commissie op 7 juli presenteerde, ademt precies die geest. Eén hard doel: het aandeel veevoereiwit dat binnen de EU wordt geteeld, moet van 25,8 naar 35 procent in 2035. Geen klimaatdoel. Een zelfvoorzieningsdoel.
Het bedrijfsleven denkt al langer zo. Als Danone of Bel instapt in precisiefermentatie, gebeurt dat niet vanuit een groenfonds. Een afnamecontract koopt leveringszekerheid. Hetzelfde product, dezelfde vermeden uitstoot. Alleen een andere zin op het memo dat de investering goedkeurt.
Ook de rekening van klimaatverandering komt inmiddels binnen als ketenrisico. Deze zomer verloren Franse pluimveehouders naar schatting 2,5 tot 3 miljoen vleeskuikens door hittestress. Dat is geen emissiestatistiek, maar een misgelopen productieronde. Klimaatimpact heet in de boardroom nu inputprijsvolatiliteit. Dierenwelzijn heet bioveiligheid. Het milieuargument heeft niet verloren. Het komt alleen via een andere deur binnen.
Is dat erg? Ik denk het niet. Maar het nieuwe frame heeft blinde vlekken.
Wie staat garant?
Het Protein Action Plan zegt niets over fermentatie of kweekvlees. Er is geen doel voor wat mensen daadwerkelijk eten en geen geoormerkt budget voor opschaling. Eerlijk gezegd is het een veevoerplan met de titel van een eiwitplan. En het geld dat er wél is, zit versnipperd over Horizon-calls, EIB-leningen en nationale regelingen die per lidstaat sterk verschillen. Het instrument dat echt ontbreekt, is een staatsgarantie op leningen. Plantible haalde in de VS $25 miljoen aan federaal gegarandeerde schuld op. Europa kent daar geen equivalent van.
Eerlijk gezegd is het een veevoerplan met de titel van een eiwitplan
Daar ligt werk dat geen eigenaar heeft. Welke paragraaf van de implementatie opent de deur voor fermentatie en celkweek? Welke lidstaat kopieert de Deense regeling? Dat zijn geen vragen voor durfinvesteerders. Het zijn vragen voor mensen die weten hoe Brussel werkt.
En precies die mensen zaten tegenover me. Professionals uit beleid, recht en consultancy die hun baan opzeggen om een halfjaar in Brussel te werken voor de voedseltransitie. Het kapitaal krimpt al drie jaar, hun werk kost nauwelijks geld. Maar de hefboom per bestede uur is vermoedelijk groter dan die van menige financieringsronde.
Ik reed naar huis met één gedachte. We hebben lang gedacht dat de eiwittransitie wacht op het volgende miljard. Misschien wacht ze eerder op de juiste paragraaf.
Voor het tweede jaar op rij stond ik voor de fellows van het Food Transition Fellowship van The School for Moral Ambition. Vorig jaar schreef ik hier over de stille krachten die ik in die zaal aantrof. Dit jaar, op 9 september, liet een van mijn slides twee lijnen zien. De ene daalt, de andere stijgt.
De dalende lijn: investeringen in alternatieve eiwitten. In 2021 ging er wereldwijd zo’n 6,9 miljard dollar naartoe, in 2025 nog 881 miljoen. De stijgende lijn: de retailomzet van plantaardige producten, vorig jaar 28,9 miljard dollar, 3 procent meer dan het jaar ervoor. In Frankrijk, Spanje, Duitsland en Italië is plantaardige melk inmiddels goed voor 7 tot 10 procent van de melkverkoop.
Wie alleen de eerste lijn ziet, denkt dat de sector is ingestort. Dat is niet zo. Wat wél is veranderd, is het verhaal waarmee kapitaal wordt vrijgemaakt.
Focus op zelfvoorzienendheid
Dat verhaal is in Brussel herschreven. Sinds het rapport van Mario Draghi in 2024 gaat het in Europa minder over de Green Deal en meer over concurrentiekracht en strategische autonomie. Het Protein Action Plan dat de Europese Commissie op 7 juli presenteerde, ademt precies die geest. Eén hard doel: het aandeel veevoereiwit dat binnen de EU wordt geteeld, moet van 25,8 naar 35 procent in 2035. Geen klimaatdoel. Een zelfvoorzieningsdoel.
Het bedrijfsleven denkt al langer zo. Als Danone of Bel instapt in precisiefermentatie, gebeurt dat niet vanuit een groenfonds. Een afnamecontract koopt leveringszekerheid. Hetzelfde product, dezelfde vermeden uitstoot. Alleen een andere zin op het memo dat de investering goedkeurt.
Ook de rekening van klimaatverandering komt inmiddels binnen als ketenrisico. Deze zomer verloren Franse pluimveehouders naar schatting 2,5 tot 3 miljoen vleeskuikens door hittestress. Dat is geen emissiestatistiek, maar een misgelopen productieronde. Klimaatimpact heet in de boardroom nu inputprijsvolatiliteit. Dierenwelzijn heet bioveiligheid. Het milieuargument heeft niet verloren. Het komt alleen via een andere deur binnen.
Is dat erg? Ik denk het niet. Maar het nieuwe frame heeft blinde vlekken.
Wie staat garant?
Het Protein Action Plan zegt niets over fermentatie of kweekvlees. Er is geen doel voor wat mensen daadwerkelijk eten en geen geoormerkt budget voor opschaling. Eerlijk gezegd is het een veevoerplan met de titel van een eiwitplan. En het geld dat er wél is, zit versnipperd over Horizon-calls, EIB-leningen en nationale regelingen die per lidstaat sterk verschillen. Het instrument dat echt ontbreekt, is een staatsgarantie op leningen. Plantible haalde in de VS $25 miljoen aan federaal gegarandeerde schuld op. Europa kent daar geen equivalent van.
Eerlijk gezegd is het een veevoerplan met de titel van een eiwitplan
Daar ligt werk dat geen eigenaar heeft. Welke paragraaf van de implementatie opent de deur voor fermentatie en celkweek? Welke lidstaat kopieert de Deense regeling? Dat zijn geen vragen voor durfinvesteerders. Het zijn vragen voor mensen die weten hoe Brussel werkt.
En precies die mensen zaten tegenover me. Professionals uit beleid, recht en consultancy die hun baan opzeggen om een halfjaar in Brussel te werken voor de voedseltransitie. Het kapitaal krimpt al drie jaar, hun werk kost nauwelijks geld. Maar de hefboom per bestede uur is vermoedelijk groter dan die van menige financieringsronde.
Ik reed naar huis met één gedachte. We hebben lang gedacht dat de eiwittransitie wacht op het volgende miljard. Misschien wacht ze eerder op de juiste paragraaf.
Mis geen enkel topverhaal op Eiwit Trends
Dit premium artikel is enkel beschikbaar voor abonnees
Beperk risico's met betere investeringen
Versterk je ketenpositie met de juiste partners
Versnel innovaties met de nieuwste trends
Beleef journalistiek van top niveau door collega’s, ervaren redacteurs én experts uit de sector.
Chris Polkamp
Wendy Noordzij
Alieke Hilhorst