In 2023, toen varkenshouderij Akkervarken als stemlokaal diende voor de Tweede Kamerverkiezingen, hadden deelnemende partijen andere standpunten over de eiwittransitie dan nu. Foto: Hans Banus
De eiwittransitie werd na de vorige Tweede Kamerverkiezingen en vorming van het nu demissionaire kabinet op een lager pitje gezet. Hoe staat partijen nu tegenover de eiwittransitie en de aanpalende thema’s, zoals voedselzekerheid, biologische landbouw en cellulaire landbouw? Eiwit Trends analyseert de (concept-)verkiezingsprogramma’s.
BBB: BBB ziet in zijn programma voedselzekerheid als een van de hoofdtaken van de overheid en Nederland moet zo veel mogelijk voedselonafhankelijk zijn. Vanuit dat standpunt redeneert de partij dat er sprake moet zijn van landbouwinclusieve natuur en geen natuurinclusieve landbouw. De partij wil zo min mogelijk inmenging met de voedselkeuzes van consumenten. "Geen suikertaks, geen vleesbelasting, geen overheidsinmenging op ons bord of in ons keukenkastje. Mensen kunnen zelf verstandige keuzes maken."
BVNL: BVNL is voor een kleine overheid en wil geen beleid op duurzaamheid. Zo ziet de partij de Europese Green Deal als ‘een gevaarlijke ideologie die slechts leidt tot voedseltekorten, armoede, afhankelijkheid en werkeloosheid’. Elke vorm van belasting voor duurzame gedragsverandering wijst de partij af. “Er komt geen vliegtaks, vleestaks, suikertaks of andere belastingen waarmee de overheid gedragsveranderingen probeert af te dwingen.”
CDA: Het CDA is voorstander van een Europese voedselstrategie met innovatiegelden voor landbouwverduurzaming. De partij wil dat Nederland zijn wereldwijd erkende wetenschappelijke positie op landbouw en natuur behoudt. De partij refereert niet specifiek naar minder veehouderij of vleesconsumptie in Nederland. Stikstofreductie moet worden gerealiseerd door controle op een emissienorm per bedrijf, waarin koplopers beloond worden.
ChristenUnie: De ChristenUnie wil dat de krimp van de veestapel gepaard gaat met een passend, hernieuwd verdienmodel voor de boer. De partij wil meer kringlooplandbouw en extensivering bevorderen en minder veevoer importeren. De consument moet op de hoogte zijn waar het voedsel vandaan komt, zodat ze bewust de keuze kunnen maken voor duurzaam en lokaal geproduceerd voedsel. Meer plantaardige productie en consumptie benoemen ze niet, maar kan een uitkomst van deze standpunten zijn.
D66: D66 wil boeren helpen met de transitie naar extensievere kringlooplandbouw en dierwaardige veehouderij, zo staat in het programma. Import van veevoer moet worden vervangen door voer gemaakt van reststromen en insecten, in lijn met de EU-eiwitstrategie. Kweekvlees moet zo snel mogelijk beschikbaar komen in supermarkten. Btw op groente en fruit verdwijnt, gefinancierd door een heffing op vlees en zuivel. Acties zoals ‘kiloknallers’ worden verboden en op vlees mag, net als op alcohol, hooguit een korting van 25% gegeven worden. Dit beleid moet zorgen dat de voedselomgeving gezonder wordt.
FVD: FVD verzet zich tegen de ‘opgedrongen eiwittransitie’ en wil ‘ruim baan voor de vrolijke vleeseter’. Insecten verwerkt in voedsel moeten goed vermeld worden op de verpakking en vleestermen gebruikt in de benaming van vegaproducten is ongewenst. Alle EU-inmenging, van de EU-natuurherstelwet tot de derogatie en de Green Deal, wil de partij naast zich neerleggen. In plaats daarvan moet Nederland voedselsoevereiniteit nastreven en zoveel mogelijk voorzien in eigen voedselbehoeften.
GroenLinks-PvdA: GroenLinks-PvdA wil een radicale ommezwaai naar een duurzaam en natuurinclusief voedselsysteem. De veestapel moet krimpen, met name dat deel van de stapel geproduceerd voor de export. De productiecapaciteit zal aangepast worden aan wat de natuur aankan. Ze willen duurzame gezonde voeding met zo min mogelijk gebruik van gif en willen een grotere biologische landbouwsector.
JA21: JA21 wil de agrarische sector en voedselproductie blijven ondersteunen, zodat deze zijn toonaangevend positie in de wereld behoudt. De partij wil voorspelbaar en langetermijnlandbouwbeleid gaan voeren en met name biologische landbouw stimuleren.
NSC: NSC wil de agrarische sector ondersteunen bij innovaties die het gebruik van water, energie, meststoffen en gewasbeschermingsmiddelen verminderen. In bredere zin wil de partij meer circulaire productie. Hierin wordt specifiek de teelt en toepassing van plantaardig eiwit genoemd. Consumenten moeten betere toegang krijgen tot biologische en streekproducten. Overheidsorganisaties moeten alleen duurzaam en regionaal geproduceerd voedsel serveren.
PvdD: De PvdD wil een radicale ommezwaai naar een duurzaam en natuurinclusief voedselsysteem. De transitie naar een plantaardiger, gezonder voedingspatroon moet worden aangejaagd en versneld. Dit kan onder andere door een krimp van de veestapel met minstens 75% in de komende twee jaar. De vrijgekomen grond moet ingezet worden voor voedselteelt voor mensen en natuurherstel. Biologische en lokaal geteelde eiwitgewassen is een speerpunt in het programma.
De btw op groente, fruit, granen, peulvruchten en noten moet naar 0%. Daarbovenop komt er een slachttaks op dierlijke producten en wordt de promotie van dierlijke producten aan banden gelegd. Dierenleed wordt zichtbaar op etiketten van dierlijke producten, zoals vlees, vis, zuivel, eieren en producten gemaakt van insecten. Het Voedingscentrum wordt betrokken bij campagnes over de voordelen van een plantaardig voedingspatroon.
PVV: PVV wil ‘stoppen met alle betutteling van de overheid, zoals de klimaatcampagne ‘Zet ook de knop om’ die onder andere ‘eet vaker vega(n)’ promoot. De partij noemt dit ‘totaal verkeerde, zinloze prioriteiten’. De PVV ondersteunt de traditionele landbouw- en visserijsector en wil minder regelgeving die de sector belemmert, met name EU-regels.
SGP: SGP wil een nationale voedselstrategie voor betere voedselzekerheid en een respectvolle omgang met de natuur. De consumptie van vis en schaal- en schelpdieren moet bevorderd worden als gezond voedsel. De partij ziet de matiging van consumptie en bewust consumeren als noodzakelijk voor een duurzamere maatschappij.
SP: Gezond voedsel moet betaalbaar zijn voor iedereen en de veestapel moet krimpen. SP wil boodschappen betaalbaar houden door de voedselprijzen vast te leggen een betaalbaar niveau en een lagere btw. Kleine, duurzame, biologische bedrijven moeten vooral voor de Nederlandse markt produceren en niet meer voor grootschalige export. SP pleit voor voedselsoevereiniteit met sterke regionale voedselketens. Veevoer moet van ‘eigen bodem komen, niet uit het regenwoud’. Plantaardige, biologische eiwitteelt voor menselijke consumptie moet worden gestimuleerd.
Volt:Volt streeft naar een duurzaam en biologisch voedselsysteem, waarin de veehouderij een gereduceerde en meer circulaire rol heeft. De partij stimuleren actief plantaardige eiwitconsumptie en zet in op innovaties zoals kweekvlees, mede via belastingen, subsidies en overheidsbeleid. De productie en consumptie van plantaardige eiwitten moet worden gestimuleerd. Gezond en duurzaam eten moet de goedkoopste optie zijn door een heffing op vlees, zuivel en suikerhoudende alcoholvrije dranken. Vegetarische en biologische producten, waar mogelijk duurzame steekproducten, moeten de standaard worden van overheidsinkoop. In 2030 moet 25% van de landbouw biologisch zijn.
VVD: De VVD streeft naar een sterke, innovatieve agrarische sector waarin ondernemerschap en meetbare doelen centraal staan. Innovaties, zoals kweekvlees of cellulaire landbouw, worden niet specifiek benoemd, slechts het belang van innovatie en biotechnologie in bredere zin.
De eiwittransitie werd na de vorige Tweede Kamerverkiezingen en vorming van het nu demissionaire kabinet op een lager pitje gezet. Hoe staat partijen nu tegenover de eiwittransitie en de aanpalende thema’s, zoals voedselzekerheid, biologische landbouw en cellulaire landbouw? Eiwit Trends analyseert de (concept-)verkiezingsprogramma’s.
BBB: BBB ziet in zijn programma voedselzekerheid als een van de hoofdtaken van de overheid en Nederland moet zo veel mogelijk voedselonafhankelijk zijn. Vanuit dat standpunt redeneert de partij dat er sprake moet zijn van landbouwinclusieve natuur en geen natuurinclusieve landbouw. De partij wil zo min mogelijk inmenging met de voedselkeuzes van consumenten. "Geen suikertaks, geen vleesbelasting, geen overheidsinmenging op ons bord of in ons keukenkastje. Mensen kunnen zelf verstandige keuzes maken."
BVNL: BVNL is voor een kleine overheid en wil geen beleid op duurzaamheid. Zo ziet de partij de Europese Green Deal als ‘een gevaarlijke ideologie die slechts leidt tot voedseltekorten, armoede, afhankelijkheid en werkeloosheid’. Elke vorm van belasting voor duurzame gedragsverandering wijst de partij af. “Er komt geen vliegtaks, vleestaks, suikertaks of andere belastingen waarmee de overheid gedragsveranderingen probeert af te dwingen.”
CDA: Het CDA is voorstander van een Europese voedselstrategie met innovatiegelden voor landbouwverduurzaming. De partij wil dat Nederland zijn wereldwijd erkende wetenschappelijke positie op landbouw en natuur behoudt. De partij refereert niet specifiek naar minder veehouderij of vleesconsumptie in Nederland. Stikstofreductie moet worden gerealiseerd door controle op een emissienorm per bedrijf, waarin koplopers beloond worden.
ChristenUnie: De ChristenUnie wil dat de krimp van de veestapel gepaard gaat met een passend, hernieuwd verdienmodel voor de boer. De partij wil meer kringlooplandbouw en extensivering bevorderen en minder veevoer importeren. De consument moet op de hoogte zijn waar het voedsel vandaan komt, zodat ze bewust de keuze kunnen maken voor duurzaam en lokaal geproduceerd voedsel. Meer plantaardige productie en consumptie benoemen ze niet, maar kan een uitkomst van deze standpunten zijn.
D66: D66 wil boeren helpen met de transitie naar extensievere kringlooplandbouw en dierwaardige veehouderij, zo staat in het programma. Import van veevoer moet worden vervangen door voer gemaakt van reststromen en insecten, in lijn met de EU-eiwitstrategie. Kweekvlees moet zo snel mogelijk beschikbaar komen in supermarkten. Btw op groente en fruit verdwijnt, gefinancierd door een heffing op vlees en zuivel. Acties zoals ‘kiloknallers’ worden verboden en op vlees mag, net als op alcohol, hooguit een korting van 25% gegeven worden. Dit beleid moet zorgen dat de voedselomgeving gezonder wordt.
FVD: FVD verzet zich tegen de ‘opgedrongen eiwittransitie’ en wil ‘ruim baan voor de vrolijke vleeseter’. Insecten verwerkt in voedsel moeten goed vermeld worden op de verpakking en vleestermen gebruikt in de benaming van vegaproducten is ongewenst. Alle EU-inmenging, van de EU-natuurherstelwet tot de derogatie en de Green Deal, wil de partij naast zich neerleggen. In plaats daarvan moet Nederland voedselsoevereiniteit nastreven en zoveel mogelijk voorzien in eigen voedselbehoeften.
GroenLinks-PvdA: GroenLinks-PvdA wil een radicale ommezwaai naar een duurzaam en natuurinclusief voedselsysteem. De veestapel moet krimpen, met name dat deel van de stapel geproduceerd voor de export. De productiecapaciteit zal aangepast worden aan wat de natuur aankan. Ze willen duurzame gezonde voeding met zo min mogelijk gebruik van gif en willen een grotere biologische landbouwsector.
JA21: JA21 wil de agrarische sector en voedselproductie blijven ondersteunen, zodat deze zijn toonaangevend positie in de wereld behoudt. De partij wil voorspelbaar en langetermijnlandbouwbeleid gaan voeren en met name biologische landbouw stimuleren.
NSC: NSC wil de agrarische sector ondersteunen bij innovaties die het gebruik van water, energie, meststoffen en gewasbeschermingsmiddelen verminderen. In bredere zin wil de partij meer circulaire productie. Hierin wordt specifiek de teelt en toepassing van plantaardig eiwit genoemd. Consumenten moeten betere toegang krijgen tot biologische en streekproducten. Overheidsorganisaties moeten alleen duurzaam en regionaal geproduceerd voedsel serveren.
PvdD: De PvdD wil een radicale ommezwaai naar een duurzaam en natuurinclusief voedselsysteem. De transitie naar een plantaardiger, gezonder voedingspatroon moet worden aangejaagd en versneld. Dit kan onder andere door een krimp van de veestapel met minstens 75% in de komende twee jaar. De vrijgekomen grond moet ingezet worden voor voedselteelt voor mensen en natuurherstel. Biologische en lokaal geteelde eiwitgewassen is een speerpunt in het programma.
De btw op groente, fruit, granen, peulvruchten en noten moet naar 0%. Daarbovenop komt er een slachttaks op dierlijke producten en wordt de promotie van dierlijke producten aan banden gelegd. Dierenleed wordt zichtbaar op etiketten van dierlijke producten, zoals vlees, vis, zuivel, eieren en producten gemaakt van insecten. Het Voedingscentrum wordt betrokken bij campagnes over de voordelen van een plantaardig voedingspatroon.
PVV: PVV wil ‘stoppen met alle betutteling van de overheid, zoals de klimaatcampagne ‘Zet ook de knop om’ die onder andere ‘eet vaker vega(n)’ promoot. De partij noemt dit ‘totaal verkeerde, zinloze prioriteiten’. De PVV ondersteunt de traditionele landbouw- en visserijsector en wil minder regelgeving die de sector belemmert, met name EU-regels.
SGP: SGP wil een nationale voedselstrategie voor betere voedselzekerheid en een respectvolle omgang met de natuur. De consumptie van vis en schaal- en schelpdieren moet bevorderd worden als gezond voedsel. De partij ziet de matiging van consumptie en bewust consumeren als noodzakelijk voor een duurzamere maatschappij.
SP: Gezond voedsel moet betaalbaar zijn voor iedereen en de veestapel moet krimpen. SP wil boodschappen betaalbaar houden door de voedselprijzen vast te leggen een betaalbaar niveau en een lagere btw. Kleine, duurzame, biologische bedrijven moeten vooral voor de Nederlandse markt produceren en niet meer voor grootschalige export. SP pleit voor voedselsoevereiniteit met sterke regionale voedselketens. Veevoer moet van ‘eigen bodem komen, niet uit het regenwoud’. Plantaardige, biologische eiwitteelt voor menselijke consumptie moet worden gestimuleerd.
Volt:Volt streeft naar een duurzaam en biologisch voedselsysteem, waarin de veehouderij een gereduceerde en meer circulaire rol heeft. De partij stimuleren actief plantaardige eiwitconsumptie en zet in op innovaties zoals kweekvlees, mede via belastingen, subsidies en overheidsbeleid. De productie en consumptie van plantaardige eiwitten moet worden gestimuleerd. Gezond en duurzaam eten moet de goedkoopste optie zijn door een heffing op vlees, zuivel en suikerhoudende alcoholvrije dranken. Vegetarische en biologische producten, waar mogelijk duurzame steekproducten, moeten de standaard worden van overheidsinkoop. In 2030 moet 25% van de landbouw biologisch zijn.
VVD: De VVD streeft naar een sterke, innovatieve agrarische sector waarin ondernemerschap en meetbare doelen centraal staan. Innovaties, zoals kweekvlees of cellulaire landbouw, worden niet specifiek benoemd, slechts het belang van innovatie en biotechnologie in bredere zin.
Mis geen enkel topverhaal op Eiwit Trends
Dit premium artikel is enkel beschikbaar voor abonnees
Beperk risico's met betere investeringen
Versterk je ketenpositie met de juiste partners
Versnel innovaties met de nieuwste trends
Beleef journalistiek van top niveau door collega’s, ervaren redacteurs én experts uit de sector.
Wendy Noordzij
Alieke Hilhorst
Chris Polkamp