Skip to content

Sector bundelt krachten voor veiligere plantaardige dranken

De samenwerking is opgezet vanwege de snelgroeiende markt voor plantaardige dranken.

Met de nieuwe richtlijn moeten plantaardige dranken veiliger worden. Foto: Jan Willem Schouten

Met de nieuwe richtlijn moeten plantaardige dranken veiliger worden. Foto: Jan Willem Schouten

Ripple Foods, FrieslandCampina, Tetra Pak, SPX FLOW en HP Hood hebben samen een richtlijn opgesteld voor het beheersen van bacteriesporen in plantaardige ingrediënten voor dranktoepassingen. De verklaring, die wordt ondersteund door NIZO Food Research, moet fabrikanten helpen om de voedselveiligheid, productkwaliteit en houdbaarheid van houdbare plantaardige dranken beter te waarborgen.

De samenwerking is opgezet vanwege de snelgroeiende markt voor plantaardige dranken. Fabrikanten krijgen daarbij steeds vaker te maken met uitdagingen op het gebied van voedselveiligheid, kwaliteit en houdbaarheid, vooral bij houdbare plantaardige dranken met een lage zuurgraad. Het onderzoek richtte zich op microbiële verontreinigingen, met name sporenvormende bacteriën, in ingrediënten zoals erwt, haver, amandel, tuinboon en kokos.

De verklaring Bacterial Spores in Plant-Based Ingredients Intended for Beverage Applications is het resultaat van het Plant Protein Contaminants Consortium Project. Hierin werkten NIZO Food Research, HAS Green Academy, Wageningen University & Research en elf industriepartners samen. Het onderzoeksproject werd geïnitieerd en gecoördineerd door NIZO en mede gefinancierd door de deelnemende bedrijven en het Nederlandse Topsector Agri & Food-programma.

Grote verschillen tussen ingrediënten

Het consortium zag grote verschillen in de hoeveelheid bacteriesporen tussen verschillende plantaardige ingrediënten en zelfs tussen monsters van dezelfde grondstof. De meeste aangetroffen bacteriesoorten zijn al bekend in de voedingsindustrie, maar de besmettingsniveaus lopen sterk uiteen. Volgens de onderzoekers benadrukt dit het belang van een goede risicobeoordeling en duidelijke specificaties voor ingrediënten.

Het project resulteerde onder meer in verbeterde methoden om sporenvormende bacteriën op te sporen, nieuwe inzichten in de hittebestendigheid van bacteriesporen en betere modellen om kritische controlepunten tijdens productontwikkeling vast te stellen.

Op basis van de uitkomsten adviseert het consortium leveranciers van plantaardige ingrediënten om bacteriesporen structureel te monitoren en te beheersen. Daarbij gaat het onder meer om zeer hittebestendige sporen van thermofiele bacteriën (HRTS) en Bacillus cereus. Volgens de partijen maakt dit een efficiëntere verificatie van binnenkomende grondstoffen mogelijk.

Snel delen