Anna-Louisa Peeters, transitiedeskundige aan de TU Delft. Foto: TU Delft
De dominante oplossing voor onze overconsumptie van dierlijk eiwit, producten ontwikkelen die vlees en zuivel imiteren, werkt juist averechts. Dit concludeert PhD-student Anna-Louisa Peeters in haar onderzoek 'Framing for the Protein Transition'.
Verschillende interventies in de eiwittransitie stimuleren consumenten om meer plantaardige eiwitten te eten. Anna-Louisa Peeters is transitiedeskundige aan de TU Delft en heeft 62 in Nederland toegepaste interventies in consumentengedrag onderzocht. Haar conclusie is dat de interventie waarbij vlees en zuivel worden vervangen door imitaties het meeste dominant is, maar de transitie weinig vooruit helpt.
Wat zijn dat precies, de ontwerppaden in de eiwittransitie?
“In Nederland worden consumenten op verschillende manieren gestimuleerd meer plantaardig te eten. Als onderzoeker stap ik echt in de schoenen van de consument en kijk welke ontwerppaden of frames zijn toegepast. Een frame is een vorm van presenteren van informatie aan een consument om zijn of haar gedrag te beïnvloeden. Veel onderzoek naar framing richt zich op gebruik van frames in communicatie. Ik heb meer gekeken naar wat mensen doen.
Als onderzoeker stap ik echt in de schoenen van de consument en kijk welke ontwerppaden of frames zijn toegepast
Consumentengedrag wordt sterk beïnvloed door fysieke, economische, sociale en culture omgeving. Deze omgeving kan ontworpen worden om consumenten naar meer plantaardige voedselkeuzes te bewegen. In Nederland heb ik daarvoor de 62 interventies bekeken, vooral acties en initiatieven, en gegroepeerd onder 8 ontwerppaden."

Hoe heb je de interventies gevonden en geselecteerd?
"Mijn focus lag op de eiwittransitie in Nederland, interventies die direct invloed hebben op de consument en die nu beschikbaar zijn. Kweekvlees, precisiefermentatie, dat zijn interessante ontwikkelingen, maar daar merkt de consument nu weinig van. En ik heb interventies samengevoegd, dus niet alle verschillende vormen van plantaardige vleesimitaties op de markt apart benoemd."
Kun je voorbeelden geven van de verschillende ontwerppaden?
"De 8 ontwerppaden verschillen in hun perspectief op de eiwittransitie en hoe ze consumentengedrag willen beïnvloeden. Het ontwerppad Döppelgangers – de vlees- en zuivelanalogen – probeert bij de bestaande eetpraktijken, de manier waarop mensen graag eten, te blijven. Er is weinig aanpassing nodig, de consument kan het product op dezelfde manier bereiden en eten. Nudging is een ontwerppad dat ik Stilletjes Sturen heb genoemd. Plantaardige producten liggen op ooghoogte, hebben meer schapruimte, staan bovenaan het menu. Dit soort aanpassingen spelen in op je automatische beslissingscentrum. Die automatismen gebruiken we, omdat alles bewust beslissen te veel energie kost. Een product op ooghoogte speelt in op een gebruikelijke ronde door de supermarkt op autopiloot. Nudging werkt zodoende bij consumenten die niet per se willen meegaan in de eiwittransitie."
Zijn interventies wel wenselijk als ze onbewust consumentengedrag beïnvloeden?
"Inspelen op het automatische beslissingscentrum wordt ook wel paternalistisch sturen genoemd of je keuzevrijheid afnemen. Je stuurt altijd de keuze, zeg ik dan. Stuur dan op een ethische manier. Dit soort ontwerppaden kun je vinden in de energietransitie, maar ook in onze huidige voedselsysteem, om te bevestigen dat vlees eten de norm is. Vlees heeft nu meer schapruimte en is voordelig."
Lees ook: De impact van verpakkingskleur op de keuze voor plantaardige vleesvervangers
Wat is naar jouw mening nodig voor het stimuleren van plantaardiger eten door consumenten?
"In de eiwittransitie moet de betekenis van planten op het bord veranderen. Planten moeten meer de heldenrol gaan spelen in een gerecht en dat dieren meer een circulaire bijrol gaan spelen. Nu worden dieren geproduceerd voor het vlees, terwijl we in de kringloop alleen de mest van dieren nodig hebben voor plantenteelt. Voor een ander voedselsysteem moeten de cultuur en waarden ook fundamenteel veranderen. Alleen dan breng je grote veranderingen teweeg. Zo bekeken heeft het imiteren van vlees en zuivel met plantaardige grondstoffen een veel te oppervlakkig effect."
Wat kan de voedselindustrie met deze ontwerppaden?
"In eerste instantie denk ik dat de bal niet zozeer ligt bij de industrie, maar bij de partijen die de regels van het spel bepalen. Daarmee bedoel ik de overheid, lokaal, nationaal en Europees. Die kunnen true pricing doorvoeren, waardoor plantaardig betaalbaarder wordt dan dierlijk. Supermarkten bepalen de voedselomgeving waarin consumenten keuzes maken. Die kunnen de peulvruchten uit het stoffige conservenhoekje halen en op het versplein zetten. Vlees en vis kan daar naar de delicatessen.
De invloed van rolmodellen is ook belangrijk en dat begint al op scholen. Tommy Tomato levert warme maaltijden aan op scholen. Dan gaan de kinderen ’s avonds naar huis en vragen aan mama om aubergine. De school kan les geven over duurzaam eten en het voedselsysteem. Mensen vinden dat erg ver gaan om kinderen zo over voedsel les te geven, maar we vormen kinderen al tijdens de maaltijden. Door te zeggen dat ze hun bord moeten leegeten om te verspillen bijvoorbeeld.
Supermarkten bepalen de voedselomgeving waarin consumenten keuzes maken. Die kunnen de peulvruchten uit het stoffige conservenhoekje halen en op het versplein zetten
Chefs kunnen een rol spelen door op een speelse manier nieuwe smaken te laten proeven. Zij kunnen inspireren door plantaardige gerechten die er al heel lang zijn weer op de kaart te zetten. Dat soort gerechten een belangrijke plek geven in het menu onderstreept hoe lekker en betekenisvol planten kunnen zijn.
Makers, zoals influencers, schrijvers en ontwerpers, kunnen dat nieuwe verhaal vertellen, over plantaardige en evenwichtig voedselsysteem."
Lees ook: Brit Bulah (Universiteit Utrecht): bredere innovatie dan ontwikkeling vleesvervangers nodig
Kunnen de verschillende ontwerppaden ook met elkaar conflicteren?
"Het ontwerppad Döppelganger en het ontwerppad Op naar het Ecoceen kunnen botsen. Op naar het Ecoceen heeft interventies zoals Heerenboeren en wildplukwandelen, de Rechtstreex box met lokale seizoensgroenten. Bij die twee ontwerppaden heb je twee verschillende religies, daar zitten heel andere waardesystemen onder. De aanhangers van deze twee routes vinden bijna geen aansluiting bij elkaar."
Zijn er nog ontwerppaden die een kans bieden die de voedselindustrie nu laat liggen?
"Dat hangt heel erg af van wat een actor wil brengen en wat past. Voedselverwerkers leveren aan een supermarkt hoogbewerkte voedselproducten. Dan past een ontwerppad zoals Döppelganger goed en Op naar de Ecoceen minder. Het zijn maar 8 verschillende instrumenten, die bij de één beter passen dan bij de ander.
Het ene ontwerppad is ook niet beter dan de ander. De ontwerppaden moeten eerder allemaal tegelijkertijd gebruikt worden. Die diversiteit is belangrijk. Dominantie is daarom ook onwenselijk, want elk pad heeft neveneffecten. De dominantie van één pad voorkomt compensatie van de neveneffecten van dat pad door andere ontwerppaden.
Een goed voorbeeld van een voedselverwerker die meerdere ontwerppaden goed toepast, is Oatly. Ze maken een Döppelganger, maar integreren in hun boodschap ook een ander ontwerppad, Wees de transitie. Dat gaat over interventies zoals De week zonder vlees en zuivel. Die beweging nodigt consumenten uit mee te doen. In het geval van Oatly benoemde zij in hun campagne de consumenten van hun haverdrank tot helden. Als gebruiker van een imitatiemelkproduct neem je zo deel aan een maatschappelijke beweging, die zich inzet voor behoud van de aarde. Dat kunnen voedselverwerkers meer doen, echt een verhaal eraan toevoegen."
Lees ook: Graag een onsje minder boos in Week zonder Vlees en Zuivel
Dus eigenlijk moet je als voedselmerk inspelen op meerdere ontwerppaden?
"Ja, dat klopt. Ik vond het lastig antwoord te geven op die vraag, omdat ik de voedselindustrie niet zag als iemand die de regels kan bepalen of direct de consument kan beïnvloeden. De voedselindustrie is een belangrijke tussenschakel. Net als supermarkten kunnen zij hun inkoopbeleid aanpassen. De supermarkten kopen sinds een aantal jaren geen plofkippen meer in. Daardoor is het aantal plofkippen verminderd. Als voedselverwerker kun je een stap eerder in de keten al zo’n beslissing nemen door inkoop van plantaardige en gezonde grondstoffen. Met wie kies je samen te werken en met wie niet."
Wat vond je verrassend in hoe meer plantaardig eten door consumenten wordt gestimuleerd?
"De graad van dominantie van het ontwerppad van Döbbelganger vond ik wel heel groot. Het is zorgelijk hoe vergaand die dominantie is. Zeker nu blijkt uit onderzoek dat consumenten vleesvervangers kopen bovenop vlees, dus nog meer eiwitten eten. Het werkt dus die overconsumptie in de hand. Het overschaduwt alle andere ontwerppaden, want we hebben het alleen nog maar over het ontwikkelen van andere en betere vleesvervangers. De transitie kan veel beter gemaakt worden. De dominantie van de Döbbelgangers houdt de transitie tegen.
Dit is misschien heel links progessief om te zeggen, maar we lopen tegen de muren van het kapitalisme aan. Het financiële groeimodel zorgt dat we vooral meer consumeren, niet anders."
Wat zou er verder nog onderzocht moeten worden?
"Weinig ontwerpaden zijn erg inclusief. De havermelkelite wordt goed bediend, maar heel veel mensen niet. Wat ook vaak onderbelicht blijft is de pijn van het loslaten, want meer plantaardig betekent ook minder dierlijk. Daarmee bedoel ik de pijn van een boerderij verkopen, je koeien wegdoen. Pijn wordt niet bij stilgestaan, maar overheen gestapt. Loslaten in een transitie verdient meer aandacht. Hoe kunnen we verschillende spelers in de transitie helpen met afbreken en afscheid nemen. Dat wordt ook wel eliminatie ontwerp genoemd in de transitiekunde.
Als we dingen wegdoen scheppen we ruimte voor het alternatief. Hierbij hoort het aanvaarden van de leegte. In Japan hebben ze daar bijvoorbeeld veel meer waardering voor. Leegte heet daar Ma. Het is een voorwaarde voor invulling. Dat druist tegen het kapitalistische in. Er is een sterke voorkeur voor innovatie, creatie, bouwen. Die voorkeur voor het nieuwe en meer is heel menselijk. Terwijl vergeten en loslaten net zo belangrijk is."
De 8 ontwerppaden uitgelicht
Duurzame Döppelgangers
Bestaande consumptiepraktijken ondersteunen met duurzame vlees- en zuivelimitaties.
Voorbeeld: Vlees- en zuivervangers
Stilletjes Sturen
De consument discreet ondersteunen met keuzearchitectuur.
Voorbeeld: Plantaardig goedkoper en op ooghoogte in supermarktschap
Bewust Begeleiden
De welwillende consument een handje helpen bij plantaardig koken en consumeren.
Voorbeelden: Plantaardige kookboeken, Plantaardige culinair tv-programma, Plantaardige maaltijdbox
Wees de Transitie!
Laat zien dat iedereen een veranderaar kan zijn door aan te sluiten bij een beweging.
Voorbeelden: National Week Zonder Vles en Zuivel, Documentaires zoals 'The Game Changers', Oatly-campagne
Betekenis Buigen
Planten vieren als betekenisvolle en lekkere bronnen van eiwitten.
Voorbeelden: Onderwijsprogramma's over plantaardig eten, Premium plantaardige restaurants, Boek 'Pig 05049'
Aannames Aanvallen
De status quo uitdagen door publieke provocatie.
Voorbeelden: Plofkip-campagne, Petitie voor plantaardige schoolmelk, Documentaire 'Cowspiracy'
Ruwere Regels
Het systeem veranderen met dwingende regulatie.
Voorbeelden: Publieke organisatie moeten meer plantaardig eten aanbieden, Publieke vleescampagnes uitbannen
Op naar het Ecoceen
Onze verbinding met de natuur herstellen via alternatieve voedselnetwerken.
Voorbeeld: Regionale producten bij de boer kopen via Rechtstreex en Heerenboeren
De dominante oplossing voor onze overconsumptie van dierlijk eiwit, producten ontwikkelen die vlees en zuivel imiteren, werkt juist averechts. Dit concludeert PhD-student Anna-Louisa Peeters in haar onderzoek 'Framing for the Protein Transition'.
Verschillende interventies in de eiwittransitie stimuleren consumenten om meer plantaardige eiwitten te eten. Anna-Louisa Peeters is transitiedeskundige aan de TU Delft en heeft 62 in Nederland toegepaste interventies in consumentengedrag onderzocht. Haar conclusie is dat de interventie waarbij vlees en zuivel worden vervangen door imitaties het meeste dominant is, maar de transitie weinig vooruit helpt.
Wat zijn dat precies, de ontwerppaden in de eiwittransitie?
“In Nederland worden consumenten op verschillende manieren gestimuleerd meer plantaardig te eten. Als onderzoeker stap ik echt in de schoenen van de consument en kijk welke ontwerppaden of frames zijn toegepast. Een frame is een vorm van presenteren van informatie aan een consument om zijn of haar gedrag te beïnvloeden. Veel onderzoek naar framing richt zich op gebruik van frames in communicatie. Ik heb meer gekeken naar wat mensen doen.
Als onderzoeker stap ik echt in de schoenen van de consument en kijk welke ontwerppaden of frames zijn toegepast
Consumentengedrag wordt sterk beïnvloed door fysieke, economische, sociale en culture omgeving. Deze omgeving kan ontworpen worden om consumenten naar meer plantaardige voedselkeuzes te bewegen. In Nederland heb ik daarvoor de 62 interventies bekeken, vooral acties en initiatieven, en gegroepeerd onder 8 ontwerppaden."

Hoe heb je de interventies gevonden en geselecteerd?
"Mijn focus lag op de eiwittransitie in Nederland, interventies die direct invloed hebben op de consument en die nu beschikbaar zijn. Kweekvlees, precisiefermentatie, dat zijn interessante ontwikkelingen, maar daar merkt de consument nu weinig van. En ik heb interventies samengevoegd, dus niet alle verschillende vormen van plantaardige vleesimitaties op de markt apart benoemd."
Kun je voorbeelden geven van de verschillende ontwerppaden?
"De 8 ontwerppaden verschillen in hun perspectief op de eiwittransitie en hoe ze consumentengedrag willen beïnvloeden. Het ontwerppad Döppelgangers – de vlees- en zuivelanalogen – probeert bij de bestaande eetpraktijken, de manier waarop mensen graag eten, te blijven. Er is weinig aanpassing nodig, de consument kan het product op dezelfde manier bereiden en eten. Nudging is een ontwerppad dat ik Stilletjes Sturen heb genoemd. Plantaardige producten liggen op ooghoogte, hebben meer schapruimte, staan bovenaan het menu. Dit soort aanpassingen spelen in op je automatische beslissingscentrum. Die automatismen gebruiken we, omdat alles bewust beslissen te veel energie kost. Een product op ooghoogte speelt in op een gebruikelijke ronde door de supermarkt op autopiloot. Nudging werkt zodoende bij consumenten die niet per se willen meegaan in de eiwittransitie."
Zijn interventies wel wenselijk als ze onbewust consumentengedrag beïnvloeden?
"Inspelen op het automatische beslissingscentrum wordt ook wel paternalistisch sturen genoemd of je keuzevrijheid afnemen. Je stuurt altijd de keuze, zeg ik dan. Stuur dan op een ethische manier. Dit soort ontwerppaden kun je vinden in de energietransitie, maar ook in onze huidige voedselsysteem, om te bevestigen dat vlees eten de norm is. Vlees heeft nu meer schapruimte en is voordelig."
Lees ook: De impact van verpakkingskleur op de keuze voor plantaardige vleesvervangers
Wat is naar jouw mening nodig voor het stimuleren van plantaardiger eten door consumenten?
"In de eiwittransitie moet de betekenis van planten op het bord veranderen. Planten moeten meer de heldenrol gaan spelen in een gerecht en dat dieren meer een circulaire bijrol gaan spelen. Nu worden dieren geproduceerd voor het vlees, terwijl we in de kringloop alleen de mest van dieren nodig hebben voor plantenteelt. Voor een ander voedselsysteem moeten de cultuur en waarden ook fundamenteel veranderen. Alleen dan breng je grote veranderingen teweeg. Zo bekeken heeft het imiteren van vlees en zuivel met plantaardige grondstoffen een veel te oppervlakkig effect."
Wat kan de voedselindustrie met deze ontwerppaden?
"In eerste instantie denk ik dat de bal niet zozeer ligt bij de industrie, maar bij de partijen die de regels van het spel bepalen. Daarmee bedoel ik de overheid, lokaal, nationaal en Europees. Die kunnen true pricing doorvoeren, waardoor plantaardig betaalbaarder wordt dan dierlijk. Supermarkten bepalen de voedselomgeving waarin consumenten keuzes maken. Die kunnen de peulvruchten uit het stoffige conservenhoekje halen en op het versplein zetten. Vlees en vis kan daar naar de delicatessen.
De invloed van rolmodellen is ook belangrijk en dat begint al op scholen. Tommy Tomato levert warme maaltijden aan op scholen. Dan gaan de kinderen ’s avonds naar huis en vragen aan mama om aubergine. De school kan les geven over duurzaam eten en het voedselsysteem. Mensen vinden dat erg ver gaan om kinderen zo over voedsel les te geven, maar we vormen kinderen al tijdens de maaltijden. Door te zeggen dat ze hun bord moeten leegeten om te verspillen bijvoorbeeld.
Supermarkten bepalen de voedselomgeving waarin consumenten keuzes maken. Die kunnen de peulvruchten uit het stoffige conservenhoekje halen en op het versplein zetten
Chefs kunnen een rol spelen door op een speelse manier nieuwe smaken te laten proeven. Zij kunnen inspireren door plantaardige gerechten die er al heel lang zijn weer op de kaart te zetten. Dat soort gerechten een belangrijke plek geven in het menu onderstreept hoe lekker en betekenisvol planten kunnen zijn.
Makers, zoals influencers, schrijvers en ontwerpers, kunnen dat nieuwe verhaal vertellen, over plantaardige en evenwichtig voedselsysteem."
Lees ook: Brit Bulah (Universiteit Utrecht): bredere innovatie dan ontwikkeling vleesvervangers nodig
Kunnen de verschillende ontwerppaden ook met elkaar conflicteren?
"Het ontwerppad Döppelganger en het ontwerppad Op naar het Ecoceen kunnen botsen. Op naar het Ecoceen heeft interventies zoals Heerenboeren en wildplukwandelen, de Rechtstreex box met lokale seizoensgroenten. Bij die twee ontwerppaden heb je twee verschillende religies, daar zitten heel andere waardesystemen onder. De aanhangers van deze twee routes vinden bijna geen aansluiting bij elkaar."
Zijn er nog ontwerppaden die een kans bieden die de voedselindustrie nu laat liggen?
"Dat hangt heel erg af van wat een actor wil brengen en wat past. Voedselverwerkers leveren aan een supermarkt hoogbewerkte voedselproducten. Dan past een ontwerppad zoals Döppelganger goed en Op naar de Ecoceen minder. Het zijn maar 8 verschillende instrumenten, die bij de één beter passen dan bij de ander.
Het ene ontwerppad is ook niet beter dan de ander. De ontwerppaden moeten eerder allemaal tegelijkertijd gebruikt worden. Die diversiteit is belangrijk. Dominantie is daarom ook onwenselijk, want elk pad heeft neveneffecten. De dominantie van één pad voorkomt compensatie van de neveneffecten van dat pad door andere ontwerppaden.
Een goed voorbeeld van een voedselverwerker die meerdere ontwerppaden goed toepast, is Oatly. Ze maken een Döppelganger, maar integreren in hun boodschap ook een ander ontwerppad, Wees de transitie. Dat gaat over interventies zoals De week zonder vlees en zuivel. Die beweging nodigt consumenten uit mee te doen. In het geval van Oatly benoemde zij in hun campagne de consumenten van hun haverdrank tot helden. Als gebruiker van een imitatiemelkproduct neem je zo deel aan een maatschappelijke beweging, die zich inzet voor behoud van de aarde. Dat kunnen voedselverwerkers meer doen, echt een verhaal eraan toevoegen."
Lees ook: Graag een onsje minder boos in Week zonder Vlees en Zuivel
Dus eigenlijk moet je als voedselmerk inspelen op meerdere ontwerppaden?
"Ja, dat klopt. Ik vond het lastig antwoord te geven op die vraag, omdat ik de voedselindustrie niet zag als iemand die de regels kan bepalen of direct de consument kan beïnvloeden. De voedselindustrie is een belangrijke tussenschakel. Net als supermarkten kunnen zij hun inkoopbeleid aanpassen. De supermarkten kopen sinds een aantal jaren geen plofkippen meer in. Daardoor is het aantal plofkippen verminderd. Als voedselverwerker kun je een stap eerder in de keten al zo’n beslissing nemen door inkoop van plantaardige en gezonde grondstoffen. Met wie kies je samen te werken en met wie niet."
Wat vond je verrassend in hoe meer plantaardig eten door consumenten wordt gestimuleerd?
"De graad van dominantie van het ontwerppad van Döbbelganger vond ik wel heel groot. Het is zorgelijk hoe vergaand die dominantie is. Zeker nu blijkt uit onderzoek dat consumenten vleesvervangers kopen bovenop vlees, dus nog meer eiwitten eten. Het werkt dus die overconsumptie in de hand. Het overschaduwt alle andere ontwerppaden, want we hebben het alleen nog maar over het ontwikkelen van andere en betere vleesvervangers. De transitie kan veel beter gemaakt worden. De dominantie van de Döbbelgangers houdt de transitie tegen.
Dit is misschien heel links progessief om te zeggen, maar we lopen tegen de muren van het kapitalisme aan. Het financiële groeimodel zorgt dat we vooral meer consumeren, niet anders."
Wat zou er verder nog onderzocht moeten worden?
"Weinig ontwerpaden zijn erg inclusief. De havermelkelite wordt goed bediend, maar heel veel mensen niet. Wat ook vaak onderbelicht blijft is de pijn van het loslaten, want meer plantaardig betekent ook minder dierlijk. Daarmee bedoel ik de pijn van een boerderij verkopen, je koeien wegdoen. Pijn wordt niet bij stilgestaan, maar overheen gestapt. Loslaten in een transitie verdient meer aandacht. Hoe kunnen we verschillende spelers in de transitie helpen met afbreken en afscheid nemen. Dat wordt ook wel eliminatie ontwerp genoemd in de transitiekunde.
Als we dingen wegdoen scheppen we ruimte voor het alternatief. Hierbij hoort het aanvaarden van de leegte. In Japan hebben ze daar bijvoorbeeld veel meer waardering voor. Leegte heet daar Ma. Het is een voorwaarde voor invulling. Dat druist tegen het kapitalistische in. Er is een sterke voorkeur voor innovatie, creatie, bouwen. Die voorkeur voor het nieuwe en meer is heel menselijk. Terwijl vergeten en loslaten net zo belangrijk is."
De 8 ontwerppaden uitgelicht
Duurzame Döppelgangers
Bestaande consumptiepraktijken ondersteunen met duurzame vlees- en zuivelimitaties.
Voorbeeld: Vlees- en zuivervangers
Stilletjes Sturen
De consument discreet ondersteunen met keuzearchitectuur.
Voorbeeld: Plantaardig goedkoper en op ooghoogte in supermarktschap
Bewust Begeleiden
De welwillende consument een handje helpen bij plantaardig koken en consumeren.
Voorbeelden: Plantaardige kookboeken, Plantaardige culinair tv-programma, Plantaardige maaltijdbox
Wees de Transitie!
Laat zien dat iedereen een veranderaar kan zijn door aan te sluiten bij een beweging.
Voorbeelden: National Week Zonder Vles en Zuivel, Documentaires zoals 'The Game Changers', Oatly-campagne
Betekenis Buigen
Planten vieren als betekenisvolle en lekkere bronnen van eiwitten.
Voorbeelden: Onderwijsprogramma's over plantaardig eten, Premium plantaardige restaurants, Boek 'Pig 05049'
Aannames Aanvallen
De status quo uitdagen door publieke provocatie.
Voorbeelden: Plofkip-campagne, Petitie voor plantaardige schoolmelk, Documentaire 'Cowspiracy'
Ruwere Regels
Het systeem veranderen met dwingende regulatie.
Voorbeelden: Publieke organisatie moeten meer plantaardig eten aanbieden, Publieke vleescampagnes uitbannen
Op naar het Ecoceen
Onze verbinding met de natuur herstellen via alternatieve voedselnetwerken.
Voorbeeld: Regionale producten bij de boer kopen via Rechtstreex en Heerenboeren
Mis geen enkel topverhaal op Eiwit Trends
Dit premium artikel is enkel beschikbaar voor abonnees
Beperk risico's met betere investeringen
Versterk je ketenpositie met de juiste partners
Versnel innovaties met de nieuwste trends
Beleef journalistiek van top niveau door collega’s, ervaren redacteurs én experts uit de sector.
Wendy Noordzij
Alieke Hilhorst
Chris Polkamp