Foto's: De Veldfabriek
De Veldfabriek start in juni met de productie van verse, plantaardige haverdrank in een minifabriek aan de Schiehaven in Rotterdam. De coöperatie bouwt aan een korte en zichtbare keten voor lokaal geteelde gewassen. “Wij maken verse haverdrank die goed schuimt, lokaal is geproduceerd en waarvoor de hele korrel wordt benut”, vertelt medeoprichter Nine Perdeck.
Nine Perdeck is opgeleid als industrieel productontwerper in Delft. Na haar opleiding werkte ze enkele jaren als productontwikkelaar in de meubelbranche. Perdeck heeft altijd interesse gehad in voeding. “Mijn ouders hebben mij als vegetariër opgevoed. Daardoor ben ik geïnteresseerd geraakt in een alternatieve kijk op voedsel en heb ik de overstap gemaakt naar voeding. Ik ben aan de slag gegaan bij Rechtstreex, een lokale voedselketen die producten van boeren uit de omgeving vermarkt.”
Het was haar grote droom om een eigen onderneming te starten. “Sinds mijn studie heb ik allemaal kleine bedrijfjes gehad, maar het liefst wilde ik een wat grotere logistieke organisatie runnen om een bijdrage te leveren aan de voedseltransitie.”
Haver als uitgangspunt

Op een gegeven moment deed die kans zich voor. “Via Rechtstreex leerde ik Leendert Wesdorp kennen, een voedseltechnoloog. Samen met hem en boer Wiard Visser zijn we gaan brainstormen over het lokaal produceren van een haverdrank.” Inmiddels is het team uitgebreid met Jente de Vries die zich naast de dagelijkse operatie ook op de juridische aspecten en de sales richt.
Over het concept vertelt Perdeck: “Wiard teelt haver, een fijn rustgewas voor het land. Helaas is er lokaal geen goede afzet, waardoor de teelt niet rendabel is. Toch laat hij de haver groeien om de bodemgezondheid te verbeteren. Deze wordt vooral als voer voor paarden gebruikt. Dat is ontzettend zonde – zeker omdat de vraag naar havermelk juist toeneemt.”
De initiatiefnemers dachten na over de mogelijkheid om op kleine schaal iets met die haver te doen. “Havermelk ligt dan het meest voor de hand. Vooral omdat het proces niet superingewikkeld is en er al een markt voor bestaat.”
Haver wordt vooral als voer voor paarden gebruikt, terwijl de vraag naar havermelk juist toeneemt
Productontwikkeling
De productontwikkeling is letterlijk aan de keukentafel gestart. ”Met een pannetje op het fornuis zijn we gaan uitvogelen hoe we het beste een haverdrank kunnen maken. Op basis daarvan hebben we een recept ontwikkeld. Stap voor stap zijn we steeds meer gaan produceren.”
In de zomer van 2024 hebben ze het besluit genomen om daadwerkelijk met een kleinschalige productie te starten. “We zijn opzoek gegaan naar een geschikte locatie om onze Coöperatie De Veldfabriek te starten. Deze hebben we gevonden in de Schiehavenhallen aan de Maas in Rotterdam.”
Lokale productie
Met Coöperatie De Veldfabriek richten de initiatiefnemers zich op vijf belangrijke thema’s. “We zien dat de connectie tussen mensen en hun voedsel steeds verder verdwijnt. Boeren rondom de stad kunnen hun producten nauwelijks nog lokaal afzetten. Dat is jammer, want juist deze boeren leveren een belangrijke bijdrage aan verduurzaming. Als we vaker voor lokaal voedsel kiezen, kunnen we boeren ook vragen om op een natuur-inclusieve manier te werken.”
Een tweede aspect is dat de voedselproductie steeds verder uit beeld raakt. “Niet alleen van de boeren zelf, maar ook van de fabrieken. Die staan vaak ver buiten de stad en zijn gesloten voor het publiek.” Dat zorgt ook voor het derde probleem: Er is geen goede samenwerking tussen de verschillende schakels in de voedselketen en initiatieven waarbij de hele keten inspraak heeft zijn schaars. Een gemiste kans, want samen kun je problemen allesomvattend aanpakken en echt oplossen. Het vierde punt is de samenstelling van voedsel. “Er is een overweldigend aanbod van sterk bewerkte producten. Veel voedsel is hapklaar en bevat extra veel zout, vet en suiker. De band met het pure product raakt daardoor steeds verder zoek.”
Tot slot benadrukt Perdeck het belang van een meer plantaardig voedingspatroon. “Dat is efficiënter en duurzamer. Het is niet logisch om grote hoeveelheden gewassen te verbouwen voor diervoer, terwijl we die gewassen ook rechtstreeks zelf kunnen eten.”
Toegankelijke minifabriek
De Veldfabriek gaat kleinschalig produceren, midden in de stad – zichtbaar, lokaal en plantaardig. “Onze minifabriek is straks daadwerkelijk te bezoeken. Zo proberen we de connectie met onze voeding weer terug te brengen.” Dat is ook de reden dat voor een coöperatie is gekozen. “Consumenten en horecagelegenheden, zoals koffiebars, en andere bedrijven kunnen lid worden. Zo willen we echt betrokkenheid en samenwerking realiseren.”
In de minifabriek kan de productie verder worden opgeschaald. Over het productieproces vertelt Perdeck: “Het gaat om een combinatie van bierbrouwen en melkproductie. Door de havermout te weken en vervolgens te malen, ontstaat een dunne pap. Bij verhitting wordt de pap dik. Om dat te voorkomen, moet je gaan fermenteren. Dat proces kun je vergelijken met het eerste deel van bierbrouwen. Vervolgens gaan we filteren en bottelen. Dit proces werkt op kleine schaal precies hetzelfde als op grotere schaal. Er verandert niets aan de receptuur. Alleen gaan we nu met grotere ketels werken.”
Het gaat om een combinatie van bierbrouwen en melkproductie
Hele haverkorrel benutten
Een productiebatch – van haver tot fles – duurt ongeveer 3 à 4 uur. “We werken met ketels van 300 liter en willen zo snel mogelijk opschalen naar de verwerking van circa 25.000 kilo haver, van 5 hectare grond per jaar. In onze melk verwerken we 20% haver. Dat is meer dan de industriële producenten.”
Een ander verschil is dat de hele haverkorrel wordt benut. “We gebruiken volkoren haver, die we niet pellen maar pletten. Daardoor is de smaak voller.” De vollere smaak heeft nog een andere reden. “Wij maken verse havermelk, die niet wordt verhit tot 110 graden. Dat kun je vergelijken met het smaakverschil tussen verse en houdbare koemelk.”
Hoewel de haverdrank niet op een heel hoge temperatuur wordt verhit, is de drank toch ongeveer een maand houdbaar. “Dat komt doordat ons vertrekpunt veel schoner is dan dat van een melkveehouder. We hoeven ons geen zorgen te maken over koeienpoep en we stomen de haver eerst, zodat hij schoon is.” Ook de functionele eigenschappen van de drank zijn heel goed. “Onze havermelk schuimt uitstekend en is daardoor heel geschikt voor in de koffie.”
Ons vertrekpunt is veel schoner dan dat van een melkveehouder
Korte ingrediëntenlijst
Het uitgangspunt is om zo weinig mogelijk ingrediënten te gebruiken. “We willen een zo puur mogelijk product. Onze ingrediëntenlijst is super kort. We voegen bijvoorbeeld geen stabilisatoren toe. Daarom moet je onze melk voor gebruik even schudden.”
Er is gekozen om geen extra eiwitten of vitamines toe te voegen om de haverdrank ‘gezonder’ te maken. “We verwachten niet dat mensen onze haverdrank om gezondheidsredenen kopen, maar als lokaal en duurzaam ingrediënt voor in de koffie of havermout. Door zo puur mogelijk te werken en duidelijk te zijn over wat we doen, kan iedereen zelf beslissen of onze producten passen in het gewenste voedingspatroon.”
Voortgang
De realisatie van de minifabriek is in volle gang. “We hebben de ruimte opgeknapt en zijn nu de stoomvoorzieningen aan het aansluiten. Op 1 juni hopen we klaar te zijn voor de productie. Begin juni lanceren we een campagne om consumenten te stimuleren onderdeel te worden van onze coöperatie. Dan mogen ze niet alleen meebeslissen, maar krijgen ze ook korting op de havermelk.”
In eerste instantie richt De Veldfabriek zich op particulieren en de horeca. “De consumenten bereiken we via directe verkoop. Daarbij willen we hen stimuleren om de melk zoveel mogelijk op te halen in onze fabriek. Daarnaast zullen we regelmatig aanwezig zijn op de Oogstmarkt in Rotterdam en zullen we samenwerken met lokale partijen die nu ook al streekproducten verkopen, zoals boerderijwinkels, speciaalzaken en webshops als Rechtstreex.”
Bij de horeca wordt gestart met het benaderen van ondernemers die sowieso al wat bewuster inkopen. “We willen hen vooral kennis laten maken met ons product. Doordat de smaak en de schuimende eigenschappen echt goed zijn, verwachten we hen daarmee te overtuigen. Zo willen we stap voor stap onze verkoop uitbreiden. Ons ultieme doel is om uiteindelijk ook in de lokale supermarkten terecht te komen.”
Minifabriek niet uitbreiden, maar kopiëren
De verwachtingen zijn hoog gespannen. “Van te voren hebben we uiteraard de marktcijfers bekeken en verder onderzoek gedaan. Daaruit blijkt dat een afzet van 200.000 liter per jaar mogelijk moet zijn. Daarna willen we de productie niet verder op schalen op deze locatie. Het is niet de bedoeling om deze locatie groter te maken, want dan moeten we anoniemer en industriële gaan werken. Dat is niet passend bij onze visie. In plaats daarvan willen we inzetten op vermenigvuldiging. Wellicht dat onze minifabriek gekopieerd kan worden naar Utrecht, Amsterdam of een andere grote stad, waarbij eveneens wordt samengewerkt met boeren uit de omgeving.”
Het is niet de bedoeling om deze locatie groter te maken, want dan moeten we anoniemer en industriële gaan werken
Naast de productie van haverdrank zijn in de toekomst ook andere producten van haver of van andere gewassen mogelijk. “De grond van Wiard is bijvoorbeeld niet zo geschikt voor de teelt van bonen, maar er zijn er in de omgeving andere boeren die dit wel op een goede manier kunnen doen. Ons doel is niet om havermelk te maken. We willen de biodiversiteit op het land te vergroten door middel van een kleinschalige verwerking en afzet. Dat kan op veel verschillende manieren.”
De Veldfabriek start in juni met de productie van verse, plantaardige haverdrank in een minifabriek aan de Schiehaven in Rotterdam. De coöperatie bouwt aan een korte en zichtbare keten voor lokaal geteelde gewassen. “Wij maken verse haverdrank die goed schuimt, lokaal is geproduceerd en waarvoor de hele korrel wordt benut”, vertelt medeoprichter Nine Perdeck.
Nine Perdeck is opgeleid als industrieel productontwerper in Delft. Na haar opleiding werkte ze enkele jaren als productontwikkelaar in de meubelbranche. Perdeck heeft altijd interesse gehad in voeding. “Mijn ouders hebben mij als vegetariër opgevoed. Daardoor ben ik geïnteresseerd geraakt in een alternatieve kijk op voedsel en heb ik de overstap gemaakt naar voeding. Ik ben aan de slag gegaan bij Rechtstreex, een lokale voedselketen die producten van boeren uit de omgeving vermarkt.”
Het was haar grote droom om een eigen onderneming te starten. “Sinds mijn studie heb ik allemaal kleine bedrijfjes gehad, maar het liefst wilde ik een wat grotere logistieke organisatie runnen om een bijdrage te leveren aan de voedseltransitie.”
Haver als uitgangspunt

Op een gegeven moment deed die kans zich voor. “Via Rechtstreex leerde ik Leendert Wesdorp kennen, een voedseltechnoloog. Samen met hem en boer Wiard Visser zijn we gaan brainstormen over het lokaal produceren van een haverdrank.” Inmiddels is het team uitgebreid met Jente de Vries die zich naast de dagelijkse operatie ook op de juridische aspecten en de sales richt.
Over het concept vertelt Perdeck: “Wiard teelt haver, een fijn rustgewas voor het land. Helaas is er lokaal geen goede afzet, waardoor de teelt niet rendabel is. Toch laat hij de haver groeien om de bodemgezondheid te verbeteren. Deze wordt vooral als voer voor paarden gebruikt. Dat is ontzettend zonde – zeker omdat de vraag naar havermelk juist toeneemt.”
De initiatiefnemers dachten na over de mogelijkheid om op kleine schaal iets met die haver te doen. “Havermelk ligt dan het meest voor de hand. Vooral omdat het proces niet superingewikkeld is en er al een markt voor bestaat.”
Haver wordt vooral als voer voor paarden gebruikt, terwijl de vraag naar havermelk juist toeneemt
Productontwikkeling
De productontwikkeling is letterlijk aan de keukentafel gestart. ”Met een pannetje op het fornuis zijn we gaan uitvogelen hoe we het beste een haverdrank kunnen maken. Op basis daarvan hebben we een recept ontwikkeld. Stap voor stap zijn we steeds meer gaan produceren.”
In de zomer van 2024 hebben ze het besluit genomen om daadwerkelijk met een kleinschalige productie te starten. “We zijn opzoek gegaan naar een geschikte locatie om onze Coöperatie De Veldfabriek te starten. Deze hebben we gevonden in de Schiehavenhallen aan de Maas in Rotterdam.”
Lokale productie
Met Coöperatie De Veldfabriek richten de initiatiefnemers zich op vijf belangrijke thema’s. “We zien dat de connectie tussen mensen en hun voedsel steeds verder verdwijnt. Boeren rondom de stad kunnen hun producten nauwelijks nog lokaal afzetten. Dat is jammer, want juist deze boeren leveren een belangrijke bijdrage aan verduurzaming. Als we vaker voor lokaal voedsel kiezen, kunnen we boeren ook vragen om op een natuur-inclusieve manier te werken.”
Een tweede aspect is dat de voedselproductie steeds verder uit beeld raakt. “Niet alleen van de boeren zelf, maar ook van de fabrieken. Die staan vaak ver buiten de stad en zijn gesloten voor het publiek.” Dat zorgt ook voor het derde probleem: Er is geen goede samenwerking tussen de verschillende schakels in de voedselketen en initiatieven waarbij de hele keten inspraak heeft zijn schaars. Een gemiste kans, want samen kun je problemen allesomvattend aanpakken en echt oplossen. Het vierde punt is de samenstelling van voedsel. “Er is een overweldigend aanbod van sterk bewerkte producten. Veel voedsel is hapklaar en bevat extra veel zout, vet en suiker. De band met het pure product raakt daardoor steeds verder zoek.”
Tot slot benadrukt Perdeck het belang van een meer plantaardig voedingspatroon. “Dat is efficiënter en duurzamer. Het is niet logisch om grote hoeveelheden gewassen te verbouwen voor diervoer, terwijl we die gewassen ook rechtstreeks zelf kunnen eten.”
Toegankelijke minifabriek
De Veldfabriek gaat kleinschalig produceren, midden in de stad – zichtbaar, lokaal en plantaardig. “Onze minifabriek is straks daadwerkelijk te bezoeken. Zo proberen we de connectie met onze voeding weer terug te brengen.” Dat is ook de reden dat voor een coöperatie is gekozen. “Consumenten en horecagelegenheden, zoals koffiebars, en andere bedrijven kunnen lid worden. Zo willen we echt betrokkenheid en samenwerking realiseren.”
In de minifabriek kan de productie verder worden opgeschaald. Over het productieproces vertelt Perdeck: “Het gaat om een combinatie van bierbrouwen en melkproductie. Door de havermout te weken en vervolgens te malen, ontstaat een dunne pap. Bij verhitting wordt de pap dik. Om dat te voorkomen, moet je gaan fermenteren. Dat proces kun je vergelijken met het eerste deel van bierbrouwen. Vervolgens gaan we filteren en bottelen. Dit proces werkt op kleine schaal precies hetzelfde als op grotere schaal. Er verandert niets aan de receptuur. Alleen gaan we nu met grotere ketels werken.”
Het gaat om een combinatie van bierbrouwen en melkproductie
Hele haverkorrel benutten
Een productiebatch – van haver tot fles – duurt ongeveer 3 à 4 uur. “We werken met ketels van 300 liter en willen zo snel mogelijk opschalen naar de verwerking van circa 25.000 kilo haver, van 5 hectare grond per jaar. In onze melk verwerken we 20% haver. Dat is meer dan de industriële producenten.”
Een ander verschil is dat de hele haverkorrel wordt benut. “We gebruiken volkoren haver, die we niet pellen maar pletten. Daardoor is de smaak voller.” De vollere smaak heeft nog een andere reden. “Wij maken verse havermelk, die niet wordt verhit tot 110 graden. Dat kun je vergelijken met het smaakverschil tussen verse en houdbare koemelk.”
Hoewel de haverdrank niet op een heel hoge temperatuur wordt verhit, is de drank toch ongeveer een maand houdbaar. “Dat komt doordat ons vertrekpunt veel schoner is dan dat van een melkveehouder. We hoeven ons geen zorgen te maken over koeienpoep en we stomen de haver eerst, zodat hij schoon is.” Ook de functionele eigenschappen van de drank zijn heel goed. “Onze havermelk schuimt uitstekend en is daardoor heel geschikt voor in de koffie.”
Ons vertrekpunt is veel schoner dan dat van een melkveehouder
Korte ingrediëntenlijst
Het uitgangspunt is om zo weinig mogelijk ingrediënten te gebruiken. “We willen een zo puur mogelijk product. Onze ingrediëntenlijst is super kort. We voegen bijvoorbeeld geen stabilisatoren toe. Daarom moet je onze melk voor gebruik even schudden.”
Er is gekozen om geen extra eiwitten of vitamines toe te voegen om de haverdrank ‘gezonder’ te maken. “We verwachten niet dat mensen onze haverdrank om gezondheidsredenen kopen, maar als lokaal en duurzaam ingrediënt voor in de koffie of havermout. Door zo puur mogelijk te werken en duidelijk te zijn over wat we doen, kan iedereen zelf beslissen of onze producten passen in het gewenste voedingspatroon.”
Voortgang
De realisatie van de minifabriek is in volle gang. “We hebben de ruimte opgeknapt en zijn nu de stoomvoorzieningen aan het aansluiten. Op 1 juni hopen we klaar te zijn voor de productie. Begin juni lanceren we een campagne om consumenten te stimuleren onderdeel te worden van onze coöperatie. Dan mogen ze niet alleen meebeslissen, maar krijgen ze ook korting op de havermelk.”
In eerste instantie richt De Veldfabriek zich op particulieren en de horeca. “De consumenten bereiken we via directe verkoop. Daarbij willen we hen stimuleren om de melk zoveel mogelijk op te halen in onze fabriek. Daarnaast zullen we regelmatig aanwezig zijn op de Oogstmarkt in Rotterdam en zullen we samenwerken met lokale partijen die nu ook al streekproducten verkopen, zoals boerderijwinkels, speciaalzaken en webshops als Rechtstreex.”
Bij de horeca wordt gestart met het benaderen van ondernemers die sowieso al wat bewuster inkopen. “We willen hen vooral kennis laten maken met ons product. Doordat de smaak en de schuimende eigenschappen echt goed zijn, verwachten we hen daarmee te overtuigen. Zo willen we stap voor stap onze verkoop uitbreiden. Ons ultieme doel is om uiteindelijk ook in de lokale supermarkten terecht te komen.”
Minifabriek niet uitbreiden, maar kopiëren
De verwachtingen zijn hoog gespannen. “Van te voren hebben we uiteraard de marktcijfers bekeken en verder onderzoek gedaan. Daaruit blijkt dat een afzet van 200.000 liter per jaar mogelijk moet zijn. Daarna willen we de productie niet verder op schalen op deze locatie. Het is niet de bedoeling om deze locatie groter te maken, want dan moeten we anoniemer en industriële gaan werken. Dat is niet passend bij onze visie. In plaats daarvan willen we inzetten op vermenigvuldiging. Wellicht dat onze minifabriek gekopieerd kan worden naar Utrecht, Amsterdam of een andere grote stad, waarbij eveneens wordt samengewerkt met boeren uit de omgeving.”
Het is niet de bedoeling om deze locatie groter te maken, want dan moeten we anoniemer en industriële gaan werken
Naast de productie van haverdrank zijn in de toekomst ook andere producten van haver of van andere gewassen mogelijk. “De grond van Wiard is bijvoorbeeld niet zo geschikt voor de teelt van bonen, maar er zijn er in de omgeving andere boeren die dit wel op een goede manier kunnen doen. Ons doel is niet om havermelk te maken. We willen de biodiversiteit op het land te vergroten door middel van een kleinschalige verwerking en afzet. Dat kan op veel verschillende manieren.”
Mis geen enkel topverhaal op Eiwit Trends
Dit premium artikel is enkel beschikbaar voor abonnees
Beperk risico's met betere investeringen
Versterk je ketenpositie met de juiste partners
Versnel innovaties met de nieuwste trends
Beleef journalistiek van top niveau door collega’s, ervaren redacteurs én experts uit de sector.
Wendy Noordzij
Chris Polkamp
Alieke Hilhorst