Skip to content

Van handelaar naar producent: Meelunie maakt eiwitisolaat van Deense veldboon

Meelunie heeft in Denemarken een fabriek gebouwd om veldbonen te verwerken, de eerste productielocatie voor het oorspronkelijke handelsbedrijf.

Updated on:
Business
Interview
Meelunie eiwitisolaat veldboon Denemarken premium

In Denemarken heeft Meelunie een fabriek gebouwd om eiwitisolaat uit veldbonen te halen. Foto: Meelunie

Meelunie heeft in Denemarken een fabriek gebouwd die veldbonen verwerkt. Het is de eerste productielocatie voor het bedrijf wat van oorsprong actief is in de handel van plantaardige ingrediënten.

Meelunie, opgericht  in1867 in Joure, begon met de handel in aardappelmeel geproduceerd met de lokale windmolen. Sindsdien heeft Meelunie zich ontwikkeld tot en gespecialiseerd in de wereldwijde handel van plantaardige ingrediënten zoals zetmelen, eiwitten, vezels en zoetstoffen. Vanuit die optiek is Meelunie goed gepositioneerd om ingrediënten uit veldbonen te verkopen.

Marco Heering (CEO) en Gijs van Elst (Chief Innovation Officer CIO) van Meelunie vertellen over de stap van handelaar naar producent.

Marco Heering, CEO van Meelunie Foto: Meelunie

Hoe zijn jullie gekomen tot de bouw van jullie eerste productielocatie?

Heering: “Meelunie is een wereldwijde speler. Ons hoofdkantoor staat in Amsterdam en wij  hebben wij kantoren in Detroit, Chicago, Shanghai, Singapore, Sydney, Queretaro (Mexico) en Sao Paulo. We leveren zetmelen, eiwitten, vezels en zoetstoffen aan meer dan 100 landen. De vraag naar plantaardige eiwitten zagen wij toenemen. Echter, de toegang tot die eiwitten bleek een uitdaging. Vanuit dat oogpunt hebben wij toen de beslissing genomen om zelf een fabriek te bouwen."

Van Elst: “Ik denk dat onze brede commerciële kennis van plantaardige ingrediënten onze kracht is. We weten wat verschillende plantaardige ingrediënten doen, niet alleen in voedsel, maar ook in petfood. De veldboon als gewas is een prachtproduct; zeer nutritioneel en allergeenvrij. Vandaar de keuze voor dit gewas."

Heering: “Het is nu bijna vier jaar geleden, in april 2021, dat we begonnen aan de bouw van de productielocatie in Denemarken.”

Midden in de coronatijd. Leverde dat veel moeilijkheden op?

Van Elst: “Ja en het was nog net voordat de oorlog in Oekraïne begon. De hele wereldhandel lag op zijn gat. Staal, machines waren moeilijk verkrijgbaar. Prijzen gingen door het dak, contracten werden niet gerespecteerd en leveranciers gingen failliet. We hebben alles wel meegemaakt tijdens de bouw van de fabriek."

Gijs van Elst, CIO van Meelunie Foto: Meelunie

Tegelijkertijd levert het ook weer voordelen op dat wereldhandel in plantaardige ingrediënten niet meer zo vanzelfsprekend is.

Van Elst: “Zeker, dat bevestigde eigenlijk onze beslissing om zelf te gaan produceren. De marktkans is sindsdien alleen maar groter geworden voor een in Europa geproduceerd eiwit."

Heering: "Wij hebben het onszelf niet makkelijk gemaakt in de bouw van een fabriek, want we zijn sinds 2017 ook serieus met duurzaamheid aan de slag gegaan. Meelunie is B Corp-gecertifieerd (inclusief de fabriek in Denemarken). B Corp is een duurzaamheidskeurmerk voor bedrijven. Hiermee toon je aan dat je voldoet aan de hoogste standaarden in duurzaamheid, ethiek en transparantie. Om de B Corp-certificering te krijgen neem je de gehele bedrijfsvoering onder de loep. Dat is als wereldwijde speler niet gemakkelijk, want je committeert je aan strenge normen en certificeringseisen. Tegelijkertijd hebben wij daarmee de standaard van de fabriek wel meteen op een hoog peil gebracht. Al onze stromen en processen  moeten we verantwoorden."

Van Elst: “Ten eerste gebruiken we de hele veldboon. Dat is voor ons een logische keuze want wij kennen de markten voor zowel eiwitten, vezels, zetmeel. Al die fracties wilden we uit de veld boon halen en vermarkten zodat je slechts een minimale reststroom overhoudt. Tegelijkertijd kost het maken van een eiwitisolaat, omdat we gebruik maken van een 'wet milling process', veel water en energie. In de opzet van onze fabriek hebben we gewerkt aan zoveel mogelijk hergebruik. Nu hergebruiken we 75% van ons water en energie.”

In Nederland is de teelt van veldbonen heel klein en erg subsidiegedreven. Daar kunnen wij als producent niet op varen

Waarom eigenlijk in Denemarken?

Van Elst: “In Denemarken is de teelt van veldboon geïntegreerd in de landbouw en onderdeel van de gewasrotatie. Daardoor hebben boeren voldoende ervaring en wordt er voldoende geproduceerd voor onze fabriek."

Heering: "In Nederland is de teelt van veldbonen heel klein en erg subsidiegedreven. Daar kunnen wij als producent niet op varen, dat geeft  veel onzekerheid."

Kijken jullie ook naar veredeling van de veldboon voor humane consumptie en voor het isolaat?

Van Elst: “Ja, we hebben wat gesprekken erover, maar nog weinig concreet. Dat komt ook omdat we nog niet precies weten waar we op willen veredelen. Een grotere boon hebben of een boon met een ander schilletje kan helpen, zodat het makkelijk is de veldboon te schonen. Het doel van de veredeling wordt bij ons dus eerder bepaald door het proces. Dat proces moeten we nog uit ontwikkelen en kijken welke veredeling echt waarde toevoegt.“

Wat voor producten halen jullie uit de veldboon?

Van Elst: "We halen twee soorten eiwitisolaat, een zetmeelfractie en een vezelfractie uit de veldboon. Van de twee eiwitingrediënten is één functioneel en de ander schuimt heel goed. Deze laatste handig voor de productie van plantaardige dranken. Het functionele eiwit is beter toepasbaar als eigeelvervanger in sauzen bijvoorbeeld. Ze zijn allebei neutraal van smaak en kleur.

Veldboonzetmeel is geschikt als broodverbeteraar. Nu wordt daar vaak veldbonenconcentraat gebruikt en dat beperkt de dosering door de sterke bijsmaak. Ons veldboonzetmeel is neutraal van smaak. Vezels zijn heel goed toe te voegen om een product vezelrijker te maken, maar ook om de textuur en sappigheid van vleesvervangers te verbeteren."

De markt van eiwitrijke producten is interessant door de premiumprijzen

Wat zien jullie als de meest kansrijke toepassingen voor deze veldbooningrediënten?

Heering: "In de Verenigde Staten zie je een grote vraag naar eiwitrijke producten. Je kunt je vraagtekens erbij zetten of het nodig is, zoveel eiwit. De marktvraag is echter wel. Je kunt het zo gek niet bedenken of er zit extra eiwit in. Niet alleen in sportvoeding (eiwitrijke repen) en sportdranken, maar wij zien ook een toename in vraag naar eiwitrijke pasta.

De markt van eiwitrijke producten is interessant door de premiumprijzen. Op basis van die afzet kan de productie geoptimaliseerd worden. Dat genereert een betere waarde voor het eiwit dan de meer doorsnee producten, zoals een plantaardige drank of vleesvervanger.

Naar ons idee zijn plantaardige eiwitten niet meer weg te denken uit de voedingsindustrie, gewoonweg doordat dierlijke producten duurder worden. De CSRD verplicht bedrijven tot emissiereductie in hun toeleveringsketen. Dan helpt het om dierlijke ingrediënten te vervangen door plantaardige met minder emissies in de keten."

Van Elst: “Maar er is ook een interessant kostenaspect. Veldbooneitwitisolaat is bijvoorbeeld al goedkoper dan varkensvlees."

Heering: "We komen uit een lastige tijd met veel kosteninflatie, daarom denk ik dat vleesvervangers en of hybride producten steeds meer geaccepteerd zullen worden door de consument. Onlangs was ik op een beurs en kreeg een plantaardig stuk zalm voorgeschoteld. In uiterlijk, smaak en mondgevoel gewoonweg niet te onderscheiden van echte zalm! De consumentenacceptatie gaat omhoog en dan zijn verschillende plantaardige eiwit bronnen hard nodig.

We willen de productiecapaciteit snel uitbreiden om onze producten in grotere volumes  beschikbaar te maken. Daarnaast lanceren we een paraplumerk, House of Proteins. Onder dit merk vallen onze diverse plantaardige eiwitten waarmee wij klanten in staat stellen plantaardige-eiwit combinaties te maken die elkaar goed complementeren in aminozuurprofiel."

Dat vereist wel weer een heel ander team met deze stap van handelaar naar producent. Hoe ervaren jullie dat?

Van Elst: "Dat is zeker het geval. We zijn nu veel meer mensen aan het werven die applicaties met onze ingrediënten ontwikkelen. Het is ook een heel ander type mensen die productielocaties draaiende houden. Wel wennen, want hier op het hoofdkantoor zit de vloer vol met handelaren. Tegelijkertijd versterkt die sterk commerciële insteek ons als fabrikant."

Lees ook: Eiwittransitie Denemarken: geen radicale omslag, maar doordacht proces

Meelunie heeft in Denemarken een fabriek gebouwd die veldbonen verwerkt. Het is de eerste productielocatie voor het bedrijf wat van oorsprong actief is in de handel van plantaardige ingrediënten.

Meelunie, opgericht  in1867 in Joure, begon met de handel in aardappelmeel geproduceerd met de lokale windmolen. Sindsdien heeft Meelunie zich ontwikkeld tot en gespecialiseerd in de wereldwijde handel van plantaardige ingrediënten zoals zetmelen, eiwitten, vezels en zoetstoffen. Vanuit die optiek is Meelunie goed gepositioneerd om ingrediënten uit veldbonen te verkopen.

Marco Heering (CEO) en Gijs van Elst (Chief Innovation Officer CIO) van Meelunie vertellen over de stap van handelaar naar producent.

Marco Heering, CEO van Meelunie Foto: Meelunie

Hoe zijn jullie gekomen tot de bouw van jullie eerste productielocatie?

Heering: “Meelunie is een wereldwijde speler. Ons hoofdkantoor staat in Amsterdam en wij  hebben wij kantoren in Detroit, Chicago, Shanghai, Singapore, Sydney, Queretaro (Mexico) en Sao Paulo. We leveren zetmelen, eiwitten, vezels en zoetstoffen aan meer dan 100 landen. De vraag naar plantaardige eiwitten zagen wij toenemen. Echter, de toegang tot die eiwitten bleek een uitdaging. Vanuit dat oogpunt hebben wij toen de beslissing genomen om zelf een fabriek te bouwen."

Van Elst: “Ik denk dat onze brede commerciële kennis van plantaardige ingrediënten onze kracht is. We weten wat verschillende plantaardige ingrediënten doen, niet alleen in voedsel, maar ook in petfood. De veldboon als gewas is een prachtproduct; zeer nutritioneel en allergeenvrij. Vandaar de keuze voor dit gewas."

Heering: “Het is nu bijna vier jaar geleden, in april 2021, dat we begonnen aan de bouw van de productielocatie in Denemarken.”

Midden in de coronatijd. Leverde dat veel moeilijkheden op?

Van Elst: “Ja en het was nog net voordat de oorlog in Oekraïne begon. De hele wereldhandel lag op zijn gat. Staal, machines waren moeilijk verkrijgbaar. Prijzen gingen door het dak, contracten werden niet gerespecteerd en leveranciers gingen failliet. We hebben alles wel meegemaakt tijdens de bouw van de fabriek."

Gijs van Elst, CIO van Meelunie Foto: Meelunie

Tegelijkertijd levert het ook weer voordelen op dat wereldhandel in plantaardige ingrediënten niet meer zo vanzelfsprekend is.

Van Elst: “Zeker, dat bevestigde eigenlijk onze beslissing om zelf te gaan produceren. De marktkans is sindsdien alleen maar groter geworden voor een in Europa geproduceerd eiwit."

Heering: "Wij hebben het onszelf niet makkelijk gemaakt in de bouw van een fabriek, want we zijn sinds 2017 ook serieus met duurzaamheid aan de slag gegaan. Meelunie is B Corp-gecertifieerd (inclusief de fabriek in Denemarken). B Corp is een duurzaamheidskeurmerk voor bedrijven. Hiermee toon je aan dat je voldoet aan de hoogste standaarden in duurzaamheid, ethiek en transparantie. Om de B Corp-certificering te krijgen neem je de gehele bedrijfsvoering onder de loep. Dat is als wereldwijde speler niet gemakkelijk, want je committeert je aan strenge normen en certificeringseisen. Tegelijkertijd hebben wij daarmee de standaard van de fabriek wel meteen op een hoog peil gebracht. Al onze stromen en processen  moeten we verantwoorden."

Van Elst: “Ten eerste gebruiken we de hele veldboon. Dat is voor ons een logische keuze want wij kennen de markten voor zowel eiwitten, vezels, zetmeel. Al die fracties wilden we uit de veld boon halen en vermarkten zodat je slechts een minimale reststroom overhoudt. Tegelijkertijd kost het maken van een eiwitisolaat, omdat we gebruik maken van een 'wet milling process', veel water en energie. In de opzet van onze fabriek hebben we gewerkt aan zoveel mogelijk hergebruik. Nu hergebruiken we 75% van ons water en energie.”

In Nederland is de teelt van veldbonen heel klein en erg subsidiegedreven. Daar kunnen wij als producent niet op varen

Waarom eigenlijk in Denemarken?

Van Elst: “In Denemarken is de teelt van veldboon geïntegreerd in de landbouw en onderdeel van de gewasrotatie. Daardoor hebben boeren voldoende ervaring en wordt er voldoende geproduceerd voor onze fabriek."

Heering: "In Nederland is de teelt van veldbonen heel klein en erg subsidiegedreven. Daar kunnen wij als producent niet op varen, dat geeft  veel onzekerheid."

Kijken jullie ook naar veredeling van de veldboon voor humane consumptie en voor het isolaat?

Van Elst: “Ja, we hebben wat gesprekken erover, maar nog weinig concreet. Dat komt ook omdat we nog niet precies weten waar we op willen veredelen. Een grotere boon hebben of een boon met een ander schilletje kan helpen, zodat het makkelijk is de veldboon te schonen. Het doel van de veredeling wordt bij ons dus eerder bepaald door het proces. Dat proces moeten we nog uit ontwikkelen en kijken welke veredeling echt waarde toevoegt.“

Wat voor producten halen jullie uit de veldboon?

Van Elst: "We halen twee soorten eiwitisolaat, een zetmeelfractie en een vezelfractie uit de veldboon. Van de twee eiwitingrediënten is één functioneel en de ander schuimt heel goed. Deze laatste handig voor de productie van plantaardige dranken. Het functionele eiwit is beter toepasbaar als eigeelvervanger in sauzen bijvoorbeeld. Ze zijn allebei neutraal van smaak en kleur.

Veldboonzetmeel is geschikt als broodverbeteraar. Nu wordt daar vaak veldbonenconcentraat gebruikt en dat beperkt de dosering door de sterke bijsmaak. Ons veldboonzetmeel is neutraal van smaak. Vezels zijn heel goed toe te voegen om een product vezelrijker te maken, maar ook om de textuur en sappigheid van vleesvervangers te verbeteren."

De markt van eiwitrijke producten is interessant door de premiumprijzen

Wat zien jullie als de meest kansrijke toepassingen voor deze veldbooningrediënten?

Heering: "In de Verenigde Staten zie je een grote vraag naar eiwitrijke producten. Je kunt je vraagtekens erbij zetten of het nodig is, zoveel eiwit. De marktvraag is echter wel. Je kunt het zo gek niet bedenken of er zit extra eiwit in. Niet alleen in sportvoeding (eiwitrijke repen) en sportdranken, maar wij zien ook een toename in vraag naar eiwitrijke pasta.

De markt van eiwitrijke producten is interessant door de premiumprijzen. Op basis van die afzet kan de productie geoptimaliseerd worden. Dat genereert een betere waarde voor het eiwit dan de meer doorsnee producten, zoals een plantaardige drank of vleesvervanger.

Naar ons idee zijn plantaardige eiwitten niet meer weg te denken uit de voedingsindustrie, gewoonweg doordat dierlijke producten duurder worden. De CSRD verplicht bedrijven tot emissiereductie in hun toeleveringsketen. Dan helpt het om dierlijke ingrediënten te vervangen door plantaardige met minder emissies in de keten."

Van Elst: “Maar er is ook een interessant kostenaspect. Veldbooneitwitisolaat is bijvoorbeeld al goedkoper dan varkensvlees."

Heering: "We komen uit een lastige tijd met veel kosteninflatie, daarom denk ik dat vleesvervangers en of hybride producten steeds meer geaccepteerd zullen worden door de consument. Onlangs was ik op een beurs en kreeg een plantaardig stuk zalm voorgeschoteld. In uiterlijk, smaak en mondgevoel gewoonweg niet te onderscheiden van echte zalm! De consumentenacceptatie gaat omhoog en dan zijn verschillende plantaardige eiwit bronnen hard nodig.

We willen de productiecapaciteit snel uitbreiden om onze producten in grotere volumes  beschikbaar te maken. Daarnaast lanceren we een paraplumerk, House of Proteins. Onder dit merk vallen onze diverse plantaardige eiwitten waarmee wij klanten in staat stellen plantaardige-eiwit combinaties te maken die elkaar goed complementeren in aminozuurprofiel."

Dat vereist wel weer een heel ander team met deze stap van handelaar naar producent. Hoe ervaren jullie dat?

Van Elst: "Dat is zeker het geval. We zijn nu veel meer mensen aan het werven die applicaties met onze ingrediënten ontwikkelen. Het is ook een heel ander type mensen die productielocaties draaiende houden. Wel wennen, want hier op het hoofdkantoor zit de vloer vol met handelaren. Tegelijkertijd versterkt die sterk commerciële insteek ons als fabrikant."

Lees ook: Eiwittransitie Denemarken: geen radicale omslag, maar doordacht proces

Mis geen enkel topverhaal op Eiwit Trends

Dit premium artikel is enkel beschikbaar voor abonnees

Beperk risico's met betere investeringen

Versterk je ketenpositie met de juiste partners

Versnel innovaties met de nieuwste trends

Beleef journalistiek van top niveau door collega’s, ervaren redacteurs én experts uit de sector.

Chris Polkamp

Chris Polkamp

Afbeelding

Wendy Noordzij

Alieke Hilhorst

Alieke Hilhorst

Abonneer vanaf €19,20/maand

Snel delen